DE STANK UIT TRAUMAKAMER 2 WAS ONVERDRAAGLIJK
News Story

DE STANK UIT TRAUMAKAMER 2 WAS ONVERDRAAGLIJK

0 weergaven

DE STANK UIT TRAUMAKAMER 2 — HET EINDE VAN PROJECT ZERO

DEEL 23 — DE TWEEDE EMILY

00:00:59.

Het witte licht vulde de hele ruimte.

Ik kon niets meer zien.

Ik hoorde alleen Emma's ademhaling.

“Sarah…”

“Ik ben hier.”

“Laat mijn hand niet los.”

“Nooit.”

Toen klonk er een harde piep.

00:00:30.

Ik voelde iets door mijn lichaam gaan.

Een golf van herinneringen.

Mijn jeugd.

Mijn moeder.

Daniel.

Richard.

Emma als baby.

Alles kwam tegelijkertijd terug.

Ik schreeuwde.

“Stop!”

Maar de stem uit het systeem antwoordde:

“SYNCHRONISATIE: 87%.”

“Emma!”

“Ik ben hier!”

“Wat gebeurt er?”

“Ik weet het niet!”

Plotseling hoorde ik een andere stem.

“Sarah.”

Ik verstijfde.

Het was mijn moeder.

Maar Emily stond nog steeds achter het glas.

Ik keek naar haar.

Haar ogen waren wijd open.

“Dat kan niet…”

De stem kwam opnieuw.

“Sarah, luister naar mij.”

Ik keek naar Emma.

“Wie praat er?”

Emma wees naar de kern.

“Zij.”

“Wie?”

“Mijn oma.”

Ik keek naar het scherm.

Een gezicht verscheen.

Emily.

Maar niet de Emily die in de glazen kamer stond.

Deze vrouw was jonger.

Veel jonger.

Haar haar was donker.

Haar gezicht was ontspannen.

En ze keek recht naar mij.

“Sarah.”

Ik kon nauwelijks ademen.

“Wie ben jij?”

De vrouw glimlachte verdrietig.

“Ik ben Emily Jenkins.”

De vrouw in de glazen kamer begon te huilen.

“Nee…”

Ik draaide me naar haar om.

“Moeder?”

Ze keek naar het scherm.

“Dat is mijn kopie.”

“Je kopie?”

Emily in de glazen kamer knikte.

“Richard heeft haar gemaakt.”

Mijn maag draaide zich om.

“Waarom?”

“Om mij te vervangen.”

De tweede Emily keek naar Richard.

“Hij wilde mijn geheugen wissen.”

Richard schreeuwde:

“Zwijg!”

Maar de tweede Emily ging verder.

“Hij wilde Project Zero opnieuw beginnen.”

Emma keek naar het scherm.

“Waarom besta jij?”

De tweede Emily antwoordde:

“Omdat ik het laatste deel van mijn bewustzijn ben.”

“Ben je echt?”

“Ik ben wat van mij over is.”

De klok:

00:00:21.

Daniel keek naar de kern.

“Sarah, we hebben bijna geen tijd!”

Ik keek naar Emma.

“Wat moeten we doen?”

De tweede Emily antwoordde:

“Breek de verbinding.”

“Hoe?”

“Niet met geweld.”

“Maar hoe dan?”

“Met een keuze.”

Ik begreep het niet.

“Welke keuze?”

“Emma moet zelf beslissen wie ze wil zijn.”

Ik keek naar mijn dochter.

“Ze is mijn dochter.”

De tweede Emily glimlachte.

“Dat is niet genoeg.”

Emma keek naar mij.

“Mama…”

“Ja?”

“Wie ben ik?”

Mijn ogen vulden zich met tranen.

“Je bent Emma.”

“Meer?”

“Je bent mijn dochter.”

“Meer?”

Ik pakte haar gezicht voorzichtig vast.

“Je bent geen experiment.”

Emma huilde.

“Meer?”

“Je bent geen code.”

Ze keek me aan.

“Meer?”

“Je bent geen Project Zero.”

De donkere lijn op haar arm begon langzaam te verdwijnen.

“Je bent mijn kind.”

Het systeem begon te piepen.

SYNCHRONISATIE: 91%.

Richard rende naar de kern.

“Nee!”

Daniel blokkeerde hem.

Richard sloeg hem.

Daniel viel tegen de muur.

Marcus, gewond maar nog steeds op zijn benen, richtte zijn wapen.

“Blijf staan!”

Richard stopte.

Maar toen verscheen er een tweede groep mannen achter hem.

Ze droegen zwarte uniformen.

Geen logo.

Geen namen.

Alleen hetzelfde symbool.

Project Zero.

Marcus keek naar hen.

“Wie zijn dat?”

Richard glimlachte.

“Mijn nieuwe team.”

Ik voelde mijn hart zinken.

“Je hebt nog steeds mensen?”

“Meer dan je denkt.”

De tweede Emily sprak opnieuw.

“Sarah.”

“Ja?”

“Er is nog één ding dat je moet weten.”

“Wat?”

“Richard is niet de leider.”

Ik keek naar mijn vader.

Hij verstarde.

“Wat zei je?”

De tweede Emily keek naar hem.

“Hij is slechts een beheerder.”

Richard schreeuwde:

“Hou op!”

“De echte leider zit boven hem.”

Marcus keek naar Daniel.

“Wie?”

De tweede Emily zei één naam.

“Victor Hale.”

Daniel werd bleek.

“Hij leeft?”

Richard keek naar hem.

“Hij heeft nooit opgehouden.”

Ik voelde mijn maag samentrekken.

“Wie is Victor Hale?”

Daniel keek naar mij.

“De oprichter van Project Zero.”

“Maar hij is al twintig jaar dood.”

“Nee.”

De tweede Emily schudde haar hoofd.

“Dat was een leugen.”

De klok:

00:00:08.

De kern begon hevig te trillen.

Emma schreeuwde.

“Mama!”

Ik hield haar vast.

“Hou vol!”

00:00:05.

Het scherm werd rood.

FINAL CHOICE REQUIRED.

Emma keek naar mij.

“Ik weet wat ik moet doen.”

“Wat?”

Ze liet mijn hand los.

“Nee!”

“Mama, vertrouw me.”

Ze stapte naar de kern.

De tweede Emily glimlachte.

“Dat is mijn kleindochter.”

Emma legde beide handen op de machine.

Een enorme lichtgolf verspreidde zich door het hele laboratorium.

Alle kinderen vielen tegelijk op hun knieën.

De donkere lijnen onder hun huid verdwenen.

De glazen kamers sprongen open.

Het alarm stopte.

De klok bereikte:

00:00:00.

Stilte.

Absolute stilte.

Toen klonk een laatste bericht.

PROJECT ZERO — SHUTDOWN COMPLETE.

Ik zakte op mijn knieën.

“Emma…”

Geen antwoord.

Ik rende naar haar toe.

Ze lag bewegingloos naast de kern.

“Emma!”

Ik tilde haar op.

“Alsjeblieft…”

Haar ogen gingen langzaam open.

“Mama?”

Ik begon te huilen.

“Je bent er.”

Ze glimlachte zwak.

“Ik zei toch dat je me moest vertrouwen?”

Ik lachte door mijn tranen heen.

Toen klonk er achter ons een schreeuw.

Richard.

Hij stond bij de uitgang.

Maar hij was niet alleen.

Een man stond naast hem.

Grijs haar.

Zwart pak.

Koude ogen.

Daniel keek naar hem en fluisterde:

“Victor…”

De man glimlachte.

“Jullie hebben Project Zero vernietigd.”

Hij keek naar Emma.

“Maar jullie hebben iets veel waardevollers wakker gemaakt.”

Richard keek hem aan.

“Wat doen we nu?”

Victor antwoordde rustig:

“Fase Vier.”

Hij draaide zich om.

De deur sloot achter hem.

Ik keek naar Daniel.

“Wat is Fase Vier?”

Daniel keek naar Emma.

En zijn gezicht werd bleek.

“De jacht.”

Ik hield Emma steviger vast.

“Op wie?”

Daniel keek naar mij.

“Op iedereen die ooit deel uitmaakte van Project Zero.”

Ik keek naar de tientallen kinderen.

Toen naar mijn dochter.

En ik begreep dat we misschien het laboratorium hadden vernietigd.

Maar de oorlog was nog lang niet voorbij.