DE STANK UIT TRAUMAKAMER 2 — HET EINDE VAN PROJECT ZERO
DEEL 16 — DE MAN DIE EMMA “PAPA” NOEMDE
“Dr. Cole.”
Het woord bleef tussen ons in hangen.
Ik keek naar Emma alsof ik haar antwoord niet goed had gehoord.
“Wie is Dr. Cole?”
Emma zei niets.
Ze keek alleen naar de donkere straat achter mij.
“Emma?”
Ze pakte mijn hand.
“Hij is mijn papa.”
Mijn hart sloeg een slag over.
“Wat?”
“Mijn echte papa.”
Ik knielde voor haar neer.
“Wie heeft je dat verteld?”
“Hij.”
“Wanneer?”
“Toen ik beneden was.”
Mijn mond werd droog.
“Je hebt Dr. Cole gezien?”
Emma knikte.
Marcus kwam dichterbij.
“Sarah, wat heeft ze precies gezegd?”
Ik keek hem aan.
“Ze zegt dat ze Dr. Cole heeft gezien.”
Marcus verstijfde.
“Dat kan niet.”
“Waarom niet?”
“Omdat Daniel Cole zeventien jaar geleden officieel als vermist is opgegeven.”
Ik voelde een koude rilling over mijn rug lopen.
“Officieel?”
Marcus keek naar de envelop in mijn hand.
“Er zijn veel dingen over Project Zero die nooit officieel zijn geworden.”
Voor ik iets kon zeggen, klonk er een geluid aan de overkant van de straat.
Een autodeur.
Ik draaide me om.
Een zwarte wagen stond zonder verlichting langs de stoep.
Twee mannen stapten uit.
Emma kroop dichter tegen mij aan.
“Wie zijn dat?”
“Ik weet het niet.”
Marcus keek naar hen en greep naar zijn telefoon.
De mannen liepen langzaam onze kant op.
Toen bleef één van hen staan.
“Sarah Jenkins!”
Ik antwoordde niet.
“Wij willen alleen praten.”
Marcus ging voor ons staan.
“Blijf daar.”
De man glimlachte.
“Wij zijn niet gekomen voor jou.”
Zijn blik ging naar Emma.
“Wij zijn gekomen voor het meisje.”
Mijn maag trok samen.
“Ga weg.”
“Sarah,” zei Marcus zacht, “we moeten naar binnen.”
Ik pakte Emma bij haar hand.
We renden naar het huis.
Achter ons klonk een knal.
De kogel sloeg tegen de stenen muur.
“NAAR BINNEN!”
Marcus duwde ons door de voordeur.
Ik trok Emma mee naar de woonkamer en sloot de deur.
Nog een schot.
Het raam sprong uiteen.
Emma begon te huilen.
“Mama…”
Ik trok haar tegen me aan.
“Het is goed.”
“Ze willen mij.”
“Niemand neemt jou mee.”
Marcus keek door het gebroken raam.
“Ze zijn met minstens vier man.”
“Kun je de politie bellen?”
“Dat heb ik al gedaan.”
Toen zag ik iets bewegen in Emma’s hand.
Het metalen schijfje.
Hetzelfde schijfje dat ze uit de kern van het laboratorium had meegenomen.
Het begon te trillen.
“Emma…”
Ze keek ernaar.
“Het doet dit weer.”
Een klein blauw licht verscheen in het midden.
Daarna kwam er een hologram omhoog.
Een mannengezicht.
Ik kende dat gezicht.
Ik had het jarenlang proberen te vergeten.
Donker haar.
Scherpe kaak.
Bleke ogen.
Dr. Daniel Cole.
Emma fluisterde:
“Papa.”
Mijn benen voelden plotseling zwak.
Het hologram keek recht naar mij.
“Sarah.”
Ik verstijfde.
“Als je deze boodschap ziet, betekent dat dat het laboratorium is vernietigd.”
Marcus keek verbaasd naar het beeld.
“Dit is vooraf opgenomen.”
Cole ging verder.
“Maar luister goed. Project Zero was nooit het laboratorium.”
Het beeld veranderde.
Ik zag gangen.
Kamers.
Kinderen.
Tientallen kinderen.
Sommigen waren nauwelijks zes jaar oud.
Onder hun huid liepen dezelfde donkere lijnen die ik bij Emma had gezien.
Ik sloeg mijn hand voor mijn mond.
“God…”
Cole sprak verder.
“Het laboratorium was slechts één locatie.”
Het beeld veranderde opnieuw.
Een kaart verscheen.
Nederland.
Daarna Duitsland.
België.
Frankrijk.
En nog tientallen andere punten.
Marcus keek me aan.
“Dit kan niet.”
Cole zei:
“Als je dit ziet, is Fase Eén mislukt.”
Een stilte.
“Maar Fase Twee is al begonnen.”
Mijn hart begon sneller te kloppen.
“Wat bedoel je?”
Het hologram keek opnieuw recht naar mij.
“Emma is niet het eindresultaat.”
Mijn ogen gingen naar mijn dochter.
“Ze is de sleutel.”
Het beeld begon te vervagen.
Ik wilde dichterbij komen.
“Waarvoor?”
Cole antwoordde:
“Om alle anderen wakker te maken.”
Het hologram verdween.
Het schijfje viel stil in Emma’s hand.
Niemand sprak.
Buiten klonk een sirene.
Marcus keek naar mij.
“Sarah…”
Ik keek naar Emma.
Ze stond daar klein en stil.
“Wat bedoelde hij?”
Emma keek naar de vloer.
“Ik weet het niet.”
“Heb je nog iets gezien?”
Ze aarzelde.
“Ja.”
“Wat?”
“Een kamer.”
“Welke kamer?”
“Een kamer met allemaal glazen deuren.”
Mijn hart deed pijn.
“En wie was daar?”
Emma keek me aan.
“Een vrouw.”
“Wie?”
Ze fluisterde:
“Mijn oma.”
Ik verstijfde.
“Emily?”
Emma knikte.
“Ze was daar met Dr. Cole.”
Marcus keek geschokt.
“Dat betekent dat je moeder en Cole samenwerken.”
“Nee,” zei Emma.
“Wat bedoel je?”
“Ze waren bang.”
“Bang voor wie?”
Emma keek naar de voordeur.
Toen fluisterde ze:
“Voor opa.”
Richard.
Mijn vader.
De man die Project Zero had gebouwd.
De man die verdwenen was.
De man waarvan ik dacht dat hij dood was.
Buiten stopten meerdere politieauto’s.
Marcus liep naar het raam.
“De politie is er.”
Ik wilde opgelucht ademhalen.
Maar toen hoorde ik drie rustige kloppen op de voordeur.
Klop.
Klop.
Klop.
Iedereen werd stil.
Marcus trok zijn wapen.
“Blijf achter mij.”
De klop kwam opnieuw.
Klop.
Klop.
Klop.
Toen hoorde ik een stem.
Een stem die ik al zeventien jaar niet meer had gehoord.
Mijn moeders stem.
“Sarah…”
Mijn hart stopte.
Emily.
Ze was hier.
Marcus keek naar mij.
“Ken je die stem?”
Ik kon nauwelijks spreken.
“Ja.”
“Wie is het?”
Ik keek naar Emma.
“Mijn moeder.”
Emma liep langzaam naar de deur.
Ik greep haar arm.
“Nee.”
Ze keek omhoog.
“Mama…”
“Blijf bij mij.”
Toen klonk Emily opnieuw.
“Sarah, doe de deur open.”
Ik keek naar Marcus.
“Misschien is ze gewond.”
“Of het is een val.”
“Wat als ze werkelijk mijn moeder is?”
Marcus zweeg.
Toen hoorde ik iets onder de deur vandaan schuiven.
Een envelop.
Ik pakte hem voorzichtig op.
Op de voorkant stond:
VOOR SARAH.
Mijn vingers trilden toen ik hem opende.
Binnen zat slechts één vel papier.
Eén zin.
RICHARD IS NIET OP DE VLUCHT. HIJ IS OP ZOEK NAAR EMMA.
Onderaan stond een tweede zin.
EN HIJ WEET AL WAAR JULLIE ZIJN.
Ik keek naar Emma.
Op datzelfde moment gingen buiten alle straatlantaarns uit.
De hele straat werd donker.
En vanuit de tuin klonk een kinderstem.
Een stem die ik nog nooit eerder had gehoord.
“Emma…”
Emma keek naar het raam.
Haar gezicht werd bleek.
“Wie is dat?”
Ze fluisterde:
“Een van de kinderen.”
“Welke kinderen?”
Ze keek naar mij.
“De kinderen die nog steeds slapen.”
Toen begon het metalen schijfje opnieuw te gloeien.
En op het scherm verscheen één nieuwe boodschap:
FASE TWEE — ACTIVATIE BEGINT OVER 24 UUR.






