De binnenkant van de Bank van de Arbeid ademde een ijzig soort rijkdom. De hoge plafonds waren bedekt met vergeeld bladgoud, en de marmeren vloer weerkaatste het kille licht van de kandelaren die aan de muur hingen. Het was er doodstil, afgezien van het holle geluid van onze voetstappen op de stenen tegels.
In de centrale hal stond Stefan bij de grote houten balie, zijn hand stevig op de schouder van Mia vastgeklemd. Mia keek me aan toen we voorbij liepen. Ik knipte heel snel met mijn rechteroog—het geheim teken dat we vroeger gebruikten als we verstoppertje speelden. Ze begreep het en keek meteen weer naar de grond.
"Hierheen," zei de corruptie bankmedewerker—een magere man met een bril en een te strak zittend slipjasje. Hij haalde een zware sleutelboos tevoorschijn en opende een koperen hekwerk dat toegang gaf doot een steile, wenteltrap naar de kelder van het gebouw.
David duwde me de trap af, terwijl Bas achter ons liep met een dunne, lederen akte-tas onder zijn arm.
Hoe dieper we afdaalden, hoe kouder de lucht werd. De geur van nat beton, oud koper en schimmel hing zwaar in het trappenhuis. Aan het einde van de trap kwamen we in een lange, smalle gang met aan weerszijden massieve, stalen deuren.
Aan het einde van de gang bevond zich de historische kluizenkelder. Een gigantische, ronde kluisdeur van glimmend staal en messing, ruim dertig centimeter dik, stond op een kier.
"De hoofdkantoren zijn pas over een uur bezet," zei de bankmedewerker met een nerveuze stem terwijl hij de zware deur verder open duwde. "Jullie hebben dertig minuten. Daarna moet ik het systeem weer inschakelen, anders slaat de automatische centrale in Amsterdam alarm."
"Dertig minuten is meer dan genoeg," antwoordde Bas droog.
We stapten de kluisruimte binnen. De wanden waren van onder tot boven bedekt met honderden kleine, koperen deurtjes, elk voorzien van een gegraveerd nummer en twee sleutelgaten.
align="center"
Kluis 04 bevond zich in de onderste rij, vlak bij de hoek van de ruimte.
Bas knielde neer voor de kleine kluis. Hij haalde de valse koperen sleutel uit zijn zak en stak hem in het linker sleutelgat. De bankmedewerker stak de lopersleutel van de bank in het rechter sleutelgat.
"Op mijn teltal tegelijk draaien," zei de bankmedewerker. "Drie... twee... één..."
Ze draaiden de sleutels om.
Een hard, droog klik-geluid klonk door de ruimte, maar de kluisdeur bleef klemmen. Bas vloekte binnensmonds en probeerde de sleutel met kracht door te draaien.
"Wacht!" snauwde de bankmedewerker. "Niet forceren! Als de baard niet exact past, blokkeert de interne pal en..."
KRAK.
Het geluid van brekend koper echode tegen de stalen wanden.
Bas trok zijn hand terug. De greep van de valse sleutel lag in zijn handpalm. De baard van de sleutel was afgebroken en zat moervast klem in het mechanisme van de kluis.
Het gezicht van Bas veranderde in een masker van pure woede. Hij sprong overeind, greep me bij mijn keelmousse en duwde me met smak tegen de stalen kluisdeurtjes.
"Je hebt me een valse sleutel gegeven!" brulde hij, zijn ogen wijd van razernij. "Waar is de echte sleutel, Elena?! Waar is hij?!"
David trok zijn pistool uit zijn jas en richtte het recht op mijn voorhoofd. "Geen spelletjes meer, meid. Zeg het, of ik schiet je hier ter plekke neer en we zoeken het lijk wel door."
Mijn adem werd afgesneden door de greep van Bas, maar ik dwong mezelf om in zijn ogen te kijken. "Het maakt niet uit wat jullie met mij doen," bracht ik er met moeite uit. "Het is al te laat."
Op dat moment klonk er boven ons een luid, schel geluid.
TATUUT! TATUUT! TATUUT!
Het ontruimingsalarm van de bank ging af. De rode noodverlichting in de keldergang begon fel te knipperen, en het hydraulische mechanisme van de grote ronde kluisdeur begon met een diep, brommend geluid te bewegen.
De kluisdeur was zich automatisch aan het sluiten.
"Wat gebeurt er?!" schreeuwde David, terwijl hij zich omdraaide naar de bankmedewerker.
De bankmedewerker was lijkbleek. "Het alarm op de eerste verdieping is handmatig geactiveerd! De kelder gaat automatisch op slot bij een inbraakmelding! We moeten erúít!"
Hij rende als een bezetene naar de opening van de kluisdeur.
Maar voordat Bas en David hem konden volgen, stapte er een gedaante in de opening van de langzaam sluitende stalen deur.
Frank.
Hij hield een zware brandblusser in zijn handen en spoot een wolk van wit poeder recht in het gezicht van David en Bas.






