De Schaduw van Maastricht
News Story

De Schaduw van Maastricht

7 weergaven

DEEL 11 — De Nachtmerrie in de Gastenkamer

De gastenkamer op de bovenverdieping van het advocatenkantoor rook naar lavendel en oud hout. Het bed was opgemaakt met frisse, gestreken lakens, maar ondanks de vermoeidheid die als lood in mijn ledematen hing, kon ik de slaap niet vatten. Elke keer als ik mijn ogen deed toekond, hoorde ik in gedachten het gieren van de banden op de natte N-weg, het piepen van de hartmonitor in kamer 312, en de kille, dreigende woorden van mijn broer Tom in de ziekenhuisgang.

Mijn vader lag daar in het donker, misschien nog steeds onder de invloed van die verdovende medicijnen die die onbekende vrouw hem had toegediend. Was hij inmiddels wakker geworden? Besefte hij wel dat wij vochten voor zijn leven en zijn rechtvaardigheid? Om de stilte te doorbreken, stond ik op uit bed, liep op blote voeten naar het raam en schoof het gordijn een stukje opzij.

Buiten was de mist inmiddels opgetrokken; de maan scheen bleek op de stille straat van Heerlen. Beneden stond mijn auto geparkeerd langs de stoeprand, verlaten en nat van de dauw. Alles leek vredig en stil, maar de onrust in mijn binnenste wilde maar niet wijken. Ik besloot naar beneden te gaan om een glas water te halen in de keuken. Op mijn tippen liep ik over de houten gangvloer, die af en toe zacht kraakte onder mijn stappen.

Toen ik de trap naar de benedenverdieping afdaalde, hoorde ik zacht gefluister uit de werkkamer van meester Benders komen. Het licht onder de kantoordeur schemert nog steeds fel op de gangvloer. Was de oude advocaat na al die uren nog steeds aan het werk om de documenten voor de rechtbank in orde te maken? Ik liep naar de deur en wilde net aankloppen om te vragen of hij ook iets te drinken wilde, toen een zin door de kier van de deur heen drong die mijn bloed in aderen liet stonden.

Het was niet de oude, trillende stem van meester Benders die sprak, maar een andere, harde stem die ik eerder had gehoord – een stem die ik onmiddellijk herkende van de ziekenhuisgang in Maastricht. Het was dokter Van Houten. "Ja, alles is onder controle," hoorde ik de arts zeggen door de telefoon of via een luidsprekerverbinding in de kamer. "Laura is veilig hier binnengekomen. Benders heeft haar opgevangen zoals we hadden verwacht. Ze gelooft elk woord dat de oude man zegt." Mijn adem stokte. Mijn hart sloeg over en dreigde uit mijn borst te springen. Meester Benders... werkte samen met Tom en dokter Van Houten? Het was allemaal een valstrik geweest?