DEEL 8 – Het hoofdkantoor in Milaan
Het hoofdkantoor van de nationale luchtvaartmaatschappij was een imposant gebouw van glas en staal dat uittorende boven de drukke straten van Milaan. Toen ik met Vittoria in de kinderwagen en mijn hart in mijn keel door de draaideur naar binnen liep, werd ik direct opgewacht door een jonge beveiligingsmedewerker die me streng aankeek. Maar voordat hij iets kon vragen, verscheen er een vertrouwde gestalte achter de balie.
Luca.
Hij droog geen pilotenjack vandaag, maar een strak donkerblauw maatpak dat zijn brede schouders en strenge kaaklijn nog meer benadrukte. Hij zag er onberispelijk uit, maar de donkere kringen onder zijn helderblauwe ogen verraadden dat ook hij de hele nacht niet had geslapen.
“Elena. Je bent gekomen,” zei hij, terwijl hij met grote passen op me afkwam. Hij wierp een liefdevolle blik op Vittoria, die meteen naar zijn stropdas greep.
“Ik had geen keus,” antwoordde ik ademloos. “Als ik hier niet sta, verlies ik alles.”
“Je verliest niets,” zei Luca vastberaden, terwijl hij me bij de arm nam en me meenam naar een privélift met glazen wanden. “Vandaag draaien we de rollen om.”
De lift zoemde zachtjes terwijl we naar de zesde verdieping werden gebracht, waar de directiekamers en de juridische afdeling zich bevonden. Onderweg vertelde Luca me zijn plan in sneltreinvaart. Het bleek dat hij niet zomaar een gezagvoerder was; zijn familie had diepe wortels in de luchtvaartwereld, en hij had de afgelopen weken met een team van privé-rechercheurs bewijzen verzameld over het netwerk van corruptie waarin Stefano en zijn nieuwe schoonvader — de machtige vastgoedmagnaat — verwikkeld waren.
De deuren van de conferentiezaal zwaaien open. Aan een lange marmeren tafel zaten drie strenge mannen in maatpakken: de hoofdjurist van de luchtvaartmaatschappij, een hoge inspecteur van de federale politie, en… tot mijn totale shock, de advocaat van Stefano, die kennelijk was uitgenodigd voor een ‘spoedoverleg’ op hoger niveau.
Wanneer Stefano’s advocaat mij en Luca samen de zaal ziet binnenlopen, valt zijn mond open van verbazing. Zijn arrogante glimlach verdwijnt in een fractie van een seconde.
“Wat… wat betekent dit in vredesnaam?” stampt de advocaat verontwaardigd, terwijl hij overeind schiet. “Dit is een besloten bijeenkomst van de cliënt van mijn cliënt! Wat doet deze vrouw hier?”
“Zij is hier omdat zij het belangrijkste getuige is in een zaak van georganiseerde laster, chantage en fraude,” zei Luca met een stem die door de hele ruimte galmde, vol autoriteit en ijskoude minachting.
Hij liep naar de hoofdas van de tafel, legde een dik dossier met bewijsstukken neer, en keek de advocaat recht in de ogen. “En geloof me, meneer de advocaat… uw cliënt, Stefano Moretti, heeft geen idee wat er nu op hem afkomt.”






