DEEL 12 – De geheime data in de kist
“Inspecteur Morelli, hier spreekt kapitein Luca Ferri,” zei Luca met een ijzersterke, autoritaire stem. “Ik ben persoonlijk op de hoogte van de situatie rond vlucht AZ206. Welke data is er precies aangetroffen in die kist?”
Aan de andere lijn viel het even stil, alsof de inspecteur verrast was om de beruchte gezagvoerder aan de lijn te krijgen.
“Kapitein Ferri,” reageerde de inspecteur na een korte aarzeling. “We hebben inmiddels toegang gekregen tot de versleutelde bestanden op de aangetroffen USB-sticks. Het gaat niet alleen om interne corruptiegegevens van de vastgoedmaatschappij, maar… het bevat ook communicatie met buitenlandse accounts en transacties die rechtstreeks zijn gekoppeld aan een grootschalig witwasnetwerk in Zwitserland en Italië. Uw ex-man, Stefano Rossi, was niet zomaar een pion. Hij was de spil in een financieel synd]$.”*
Het woord ‘syndicaat’ bleef in de lucht hangen als een donkere wolk.
Ik sloeg mijn handen voor mijn mond. Mijn ex-man, de man met wie ik een kind had gekregen, de man die ik ooit had vertrouwd, bleek aan het hoofd te staan van een internationaal crimineel netwerk dat via de luchtvaartmaatschappij miljoenen aan zwart geld rondpompte. En wij — ik en mijn veertien maanden oude dochtertje Vittoria — hadden onwetend op exact dezelfde vlucht gezeten als die illegale lading.
“Wat betekent dit voor Elena en Vittoria?” vroeg Luca direct, waarbij zijn beschermende toon geen ruimte liet voor twijfel. “Zij wisten nergens van. Ze waren het slachtoffer van zijn chantage.”
“Dat hebben onze eerdere onderzoeken inmiddels ook uitgewezen, kapitein,” antwoordde de inspecteur geruststellend. “Mevrouw Rossi heeft niets te vrezen van de justitiële vervolging wat betreft de smokkel. Maar… door de aard van deze data is Stefano nu in paniek. Nu hij vastzit, vrezen we dat zijn medestanders in het netwerk zullen proberen om losse eindjes weg te werken. We raden mevrouw Rossi ten zeerste af om terug te keren naar haar appartement in Rome of Milaan zolang de situatie niet volledig onder controle is.”
De grond leek opnieuw onder me weg te zakken. Niet meer naar huis? Waar moesten we dan heen? Waar waren we nog veilig als Stefano’s handlangers op de vrije voeten waren?
Luca hing op nadat hij de inspecteur had bedankt. Hij sloeg zijn armen om me heen en trok me stevig tegen zijn borst. Zijn warme, vertrouwde geur gaf me een klein beetje houvast in deze nachtmerrie.
“Je hoeft nergens bang voor te zijn, Elena,” zei hij zacht in mijn oor, terwijl hij me stevig vasthield. “Je gaat nergens heen waar ik niet bij ben. We gaan naar mijn huis in de bergen, ver weg van al deze chaos, totdat dit voorgoed is opgelost.”






