Deel 5: De Infiltratie in de Vroege Ochtend
De klok in de hal van Thorne Manor tikte langzaam naar voren. Het was vijf uur in de ochtend. Het hele landgoed lag nog diep in slaap; zelfs de beveiligingsdiensten liepen hun rondes op de automatische piloot, vastgeroest in een routine van incompetentie en arrogantie. Ze hadden nooit verwacht dat iemand zou durven inbreken in het meest beveiligde landgoed van Ravenwood.
Maar ze kenden Elias Thorne niet.
Gekleed in een donkere broek en een strakke zwarte trui bewoog Elias zich geruisloos over het terrein. Geen enkele tak kraakte onder zijn laarzen; geen enkele sensor ving zijn bewegingen op. Hij had de elektronische frequenties van de beveiligingscamera’s binnen twintig seconden na zijn aankomst met een klein handapparaatje tijdelijk platgelegd, waardoor er op de monitoren in de beveiligingskamer enkel een eindeloze loop van een lege gang te zien was.
Met een soepele beweging tilde hij het raam van de studeerkamer op—een raam dat Sarah’s assistente de avond ervoor per ongeluk op een kier had laten staan. Hij gleed naar binnen als een schaduw.
De studeerkamer rook naar dure sigaren, leer en oud papier. Precies in het midden hing het grote olieverfschilderij van hun vader, die met een strenge maar rechtvaardige blik vanaf het doek keek. Elias glimlachte bitter. Als hun vader had geweten wat Sarah van het landgoed had gemaakt, zou hij zich in zijn graf hebben omgedraaid.
Elias liep naar het schilderij, tilde het zachtjes op en schoof het opzij. Daarachter onthulde zich de zware stalen deur van de kluis, voorzien van een modern biometrisch en digitaal bedieningspaneel.
Hij zuchtte diep. Een biometrisch slot vereist een levende handafdruk of een perfecte optische kopie. Maar Elias wasbereid. Hij haalde een klein stukje flexibele siliconen en een optische scanner uit zijn zak—gereedschap dat hij had meegenomen uit zijn oude uitrusting. Hij drukte de scanner tegen de rand van het paneel waar Sarah’s assistente de vorige dag haar hand had laten rusten om het koffiezetapparaat ernaast te bedienen. Binnen enkele seconden verscheen er een digitale afdruk op het schermpje van zijn apparaat. Met een snelle manipulatie van de code overbrugde hij het systeem.
Klik.
De zware kluisdeur ontgrendelde zich met een zacht gesis. Elias trok de deur open. Binnenin lagen stapels aktes, contracten met Victor Vance, zwarte kasboeken en de originele testamenten van hun ouders. Hij nam de mappen eruit en doorzocht ze systematisch. Zijn ogen vernauwden zich toen hij een akte zag waarin stond dat Sarah het hele landgoed voor een fractie van de waarde aan Vance wilde verkopen, inclusief het gedeelte waar Lily en de boerderij zich bevonden.
Maar plotseling hoorde hij zachte voetstukken op de gang naderen. De deurkruk van de studeerkamer bewoog.
“Is daar iemand?” klonk de slaperige stem van Sarah, die waarschijnlijk wakker was geworden van een glas water of een vreemd voorgevoel.
Elias stond met de aktes in zijn hand midden in de kamer, het licht van de kluis scheen op zijn gezicht. Sarah deed de deur open,knipte het licht aan en bleef als aan de grond genageld staan. Haar ogen puilden uit van woede en verbazing toen ze zag wie er voor haar stond met de meest vertrouwelijke documenten van het landgoed in zijn handen...
* * *






