DEEL 4 – HET HUIS WAAR IEDEREEN OVER ZWEEG
De volgende ochtend hing er een vreemde stilte in mijn ziekenhuiskamer.
De arts had bevestigd dat mijn hechtingen opnieuw waren gesloten. Ik zou volledig herstellen, maar alleen als ik de komende dagen absolute rust hield.
Thomas zat naast mijn bed.
Hij had nauwelijks geslapen.
Zijn telefoon bleef onophoudelijk overgaan.
Zijn zus Lotte.
Zijn ooms.
Zijn neven.
Zelfs zakenrelaties van de familie.
Iedereen had hetzelfde gehoord.
Marianne van der Meer was tijdens een bruiloft gearresteerd wegens mishandeling.
Maar Thomas nam geen enkel telefoontje op.
Hij bleef alleen maar naar het briefje kijken waarop hij haastig het adres had geschreven dat Helena hem had doorgegeven.
"Ik moet daarheen," zei hij zacht.
Ik pakte zijn hand.
"Ga niet alleen."
Hij glimlachte flauwtjes.
"Ik ben over een uur terug."
Hij geloofde het zelf nauwelijks.
* * *
Het oude familiehuis lag verscholen aan de rand van Wassenaar.
Ooit was het een statige villa geweest.
Nu stond het er verlaten bij.
De tuin was overwoekerd.
De gordijnen waren gesloten.
Alsof het huis al jaren niemand meer had verwelkomd.
Thomas gebruikte de reservesleutel die zijn grootvader hem ooit had gegeven.
De deur kraakte langzaam open.
Binnen rook het naar stof en oud hout.
Hij liep rechtstreeks naar de studeerkamer van zijn overleden grootvader.
Precies zoals Helena had gezegd.
Achter een groot schilderij van het gezin hing een kleine stalen kluis.
Het cijferslot stond verrassend genoeg nog open.
Met trillende handen draaide Thomas de zware deur open.
Er lag geen geld.
Geen juwelen.
Alleen een dikke bruine envelop.
Bovenop stond met zwarte inkt geschreven:
"Alleen openen als Marianne opnieuw iemand kapotmaakt."
Thomas voelde zijn hart bonzen.
Hij maakte de envelop open.
Binnenin lagen tientallen documenten.
Oude foto's.
Bankafschriften.
Brieven.
En helemaal onderaan...
Een videoband.
Op het etiket stond slechts één datum.
14 mei 1998.
Thomas fronste.
Dat was de dag waarop zijn vader was overleden.
Zijn handen begonnen te trillen.
Zijn hele jeugd was hem verteld dat zijn vader was gestorven door een tragisch auto-ongeluk.
Waarom lag hierover bewijs verborgen in een geheime kluis?
Net toen hij de eerste foto wilde bekijken...
Hoorde hij achter zich een langzaam applaus.
Hij draaide zich abrupt om.
In de deuropening stond een lange man in een donker pak.
Grijs haar.
Koude ogen.
Hij glimlachte nauwelijks.
"Je bent precies op tijd, Thomas."
Thomas kneep zijn ogen samen.
"Wie bent u?"
De man zette één stap naar voren.
"Ik was dertig jaar lang de advocaat van je grootvader."
Hij keek naar de geopende envelop.
"En ik ben bang..."
"...dat alles wat jij over jouw familie denkt te weten, een leugen is."
Nog voordat Thomas kon reageren...
Hoorde hij buiten het geluid van piepende autobanden.
Meerdere auto's stopten tegelijk voor de villa.
De advocaat keek uit het raam.
Zijn gezicht werd lijkbleek.
"Ze hebben ons gevonden..."
"Verstop die envelop."
"Nu!"






