DEEL 5 – Het verraad van een broeder in de strijd
De woorden van Adrian hingen als een zware deken in het ijzige vertrek. Ik klemde de leren tas steviger tegen mijn borst aan, alsof dat het enige schild was dat mij nog kon beschermen tegen de man die decennia lang mijn vertrouwen had misbruikt. "Waarom?" vroeg ik, terwijl de tranen over mijn wangen biggelden van woede en verdriet. "James was je beste vriend.
Jullie vochten zij aan zij. Hoe kon je mij zoiets aandoen?" Adrian zuchtte diep en sloeg zijn ogen neer, voor even leek er een zweem van schuldgevoel door zijn doorwrochte gezicht te trekken, maar dat verdween al snel onder een masker van kille vastberadenheid. "Vriendschap is een luxe in oorlogstijd, Mary," zei hij bitter. "James wist iets wat nooit bekend mocht worden.
Hij ontdekte dat onze eigen officieren illegaal handelden met de vijand, dat wapens en voorraden werden verhandeld ten koste van de levens van onze eigen jongens. Hij wilde naar de pers stappen zodra we terugkeerden. Als generaal Vance en de anderen daarachter waren gekomen, waren we allebei dood geweest – niet door een vijandelijke kogel, maar in een zogenaamd 'ongeval' ver achter de linies." Mijn knokkels werden wit van het vasthouden van de tas.
"Dus jullie hebben hem laten verdwijnen?" vroeg ik met een beverige stem. Adrian schudde traag zijn hoofd. "Nee. We lieten hem vluchten. Maar in ruil daarvoor moest hij voorgoed uit ieders leven verdwijnen, inclusief het jouwe, Mary. Als hij ooit nog contact met je zou zoeken, zou jij het doelwit worden van mensen die nergens voor terugdeinzen." Zijn dreigende woorden sneden door mijn ziel, maar in plaats van angst voelde ik plotseling een vurige woede ontbranden die ik in al die zesenvijftig jaar nog nooit had gekend.






