DE SCHADUW IN HET HUIS
News Story

DE SCHADUW IN HET HUIS

31 weergaven

De klok van het Kasteel van Bouchout sloeg half zes. De mist hing laag over de vijvers en de botanische tuinen van Meise. Het kasteel, met zijn eeuwenoude vierkante woontoren, rees op uit het water als een sprookjesachtige maar ijzige wachter.

Ik wandelde alleen over het gravelpad dat naar het kasteel leidde. Mijn stappen klonken luid in de stilte van de sluitingstijd. De tuinen waren verlaten; het publiek was al een uur geleden geëvacueerd onder het voorwendsel van een 'technisch onderhoud'.

In mijn rechterjaszak klemde ik de USB-stick vast. Ik had hem stiekem meegenomen uit het bureau van De Smet toen hij even de kamer uit was om een telefoontje te plegen. Ik had François niets verteld. Ik wist dat hij me zou hebben tegengehouden. Maar als moeder had ik geen keuze. Een moeder twijfelt niet als het leven van haar kind op het spel staat.

Toch was ik niet helemaal onvoorbereid. In mijn linkerjaszak zat de oude opnameapparatuur die François me had gegeven — een klein, hoogwaardig voicerecordertje dat hij vroeger gebruikte voor zijn boswachtersnotities.

Aan de rand van de grote vijver, met het kasteel op de achtergrond, stond een vrouw.

Ze drong een mantel van nertsbont en droeg een elegante hoed. Ze keek uit over het rimpelende water waarin een paar zwanen zwommen. Twee grote mannen in strakke pakken stonden op respectabele afstand achter haar, hun handen discreet in hun jas zakken.

Barones Charlotte de Coster.

Toen ik dichterbij kwam, draaide ze zich langzaam om. Ze was in de vijftig, met een strakgetrokken gezicht, gepatineerd door dure cosmetische ingrepen, en ogen die zo koud waren dat ze van glas leken.

"Rita Van de Ven," zei ze, haar stem klinkend als satijn dat over roestig ijzer gleed. "Je bent stipt. Dat waardeer ik in eenvoudige mensen."

"Waar is het bewijs dat Sofie veilig is?" vroeg ik recht voor zijn raap, terwijl ik op vijf meter afstand bleef staan.

De Barones knikte naar een van haar beveiligers. Hij haalde een tablet tevoorschijn en toonde een live videobeeld.

Op het scherm zag ik de ziekenhuiskamer van Sofie. Ze lag te slapen. Maar naast haar bed stond een man in de kleding van een verpleegkundige, zijn hand rustend op de slang van haar infuus.

"Eén druk op de knop," zei de Barones met een ijzige glimlach, "en er stroomt honderd milligram kaliumchloride in haar bloedbaan. Een hartstilstand die door geen enkele schoupartst in twijfel zal worden getrokken. Dus laten we snel handelen. De stick."

Ik voelde de spanning in mijn hele lichaam. Mijn vingers in mijn zak zetten de voicerecorder op opnemen.

"Waarom?" vroeg ik, om tijd te winnen. "U heeft meer geld dan u in drie levens kunt uitgeven. Waarom moest u mijn familie vernietigen? Waarom Herman gebruiken? Waarom François laten doodverklaren?"

De Barones lachte zacht, een geluidloos schudden van haar schouders. "Geld? Denkt u dat dit om geld gaat, Rita? Wat een beperkte blik van de middenklasse. Dit gaat om macht. Om controle. Uw vader dacht dat hij slim was toen hij dat fonds oprichtte. Hij wilde mijn vader oplichten. Ik heb alleen gehaald wat ons rechtmatig toebehoorde."

"En Herman?"

"Herman was een gretige, kleine man," zei ze verachtelijk. "Hij wilde de schijn van een succesvol man ophouden, maar hij had geen ruggengraat. Toen hij zag hoeveel geld er in het fonds zat, smachtte hij naar een graantje van de taart. Het was zo makkelijk om hem te chanteren. Eén klein duwtje, en hij deed alles wat ik vroeg. Hij sloot zijn eigen broer op, hij verraadde zijn dochter, hij wilde jou laten opsluiten."

"U heeft hem laten vergiftigen," zei ik.

"Hij was een risico geworden," antwoordde ze zonder een spoor van wroeging. "Zodra de politie hem verhoorde, zou hij breken. Herman kon geen pijn verdragen. Hij was al waardeloos voor me."

"U bent een monster," fluisterde ik.

"Ik ben een De Coster," corrigeerde ze me koud. "En nu: de stick. Mijn geduld is op."

Ik haalde de zwarte USB-stick uit mijn zak en hield hem omhoog. Das zonlicht weerkaatste dof op het plastic.

"Hier is hij," zei ik. "Laat Sofie vrij."

"Eerst de stick," zei de Barones. Ze stak haar hand met goedgeboorde nagels uit.

Ik zette een stap naar voren. Maar net toen ik de stick over wilde handigen, klonk er een harde knal vanuit de bosjes aan de rand van de vijver.

Een rookgranaat ontplofte op het gravelpad!

Dikke, witte rook vulde ogenblikkelijk de ruimte tussen ons. Het zicht was binnen één seconde volledig verdwenen.

"Wat is dit?!" schreeuwde de Barones in paniek.

"Aanval! Dekking!" riep een van haar beveiligers.

Door de rook heen voelde ik plotseling een krachtige hand die mijn arm greep. Ik wilde schreeuwen, maar een bekende stem fluisterde in mijn oor:

"Stil zijn, Rita! Ik ben het!"

François!

Hij trok me mee, weg van de vijver, de dichte mist van de botanische tuinen in.

Achter ons hoorden we schoten vallen — het scherpe, droge geluid van pistoolschoten die dof doorklonken in de rook.

"François! Sofie!" schreeuwde ik terwijl we renden.

"Sofie is veilig!" riep François boven het lawaai uit. "Ik heb De Smet ingelicht voordat je wegglipte! Ze hebben de valse verpleger in het ziekenhuis van Leuven vijf minuten geleden al overmeesterd! De video die ze je lieten zien was een vertraagde opname!"

Een golf van enorme verlichting overspoelde me. Sofie was veilig!

We kwamen uit bij de historische kas van de plantentuin. De glazen panelen glommen in de schemering.

Maar toen we de hoek om gingen, stonden de twee beveiligers van de Barones voor ons. Ze hadden hun pistolen getrokken en richten ze recht op onze borst.

Achter hen kwam Barones Charlotte de Coster tevoorschijn uit de rook. Haar nertsmantel was besmeurd met roet, haar gezicht vertrokken van woede.

"Denken jullie echt dat jullie mij kunnen verslaan?" schreeuwde ze waanzinnig. "Ik ben de macht in dit land! Schiet ze neer! Allebei! Gooip hun lichamen in de vijver!"

De beveiligers spanden hun trekkers.