Utrechtse Schaduwen
News Story

Utrechtse Schaduwen

0 weergaven

Deel 13

De binnenkant van het stadsarchief ruikt naar oud papier, stof en eeuwenoude geschiedenis. Het licht is pikdonker, op enkele zwakke noodlampen na die een griezelig groen schijnsel werpen over de lange rijen metalen archiefkasten en stellingen. We bewegen ons als schaduwen door de gangen, geleid door Eli die op zijn laptop de plattegrond van het gebouw volgt.

"De historische dossiers van de sociale fondsen uit de jaren 2000 bevinden zich in de keldersectie B," fluistert Eli, terwijl hij naar het scherm kijkt. "Daar moeten we zijn." We nemen de service-lift naar beneden, omdat de gewone trappen te veel geluid zouden maken en we geen tijd te verliezen hebben. De lift rammelt en kraakt tijdens de afdaling, een geluid dat in de stille nacht door het hele gebouw lijkt te echoën.

Wanneer de deuren opengaan, stappen we direct in een grote, open ruimte vol met rijen verrijdbare archiefkasten. Plotseling horen we in de verte stemmen galmen tussen de hoge stellingen. Het is de echo van harde, kille stemmen. Victor en zijn handlangers zijn ook in de kelder aangekomen. Ze doorzoeken de kasten met een ruwe brutaliteit; we horen mappen op de grond vallen en plastic ordners die worden opengetrokken.

"Ze zoeken dezelfde kast," mompelt Sam, terwijl hij een zware metalen steun vastgript om zich te verdedigen als dat nodig mocht zijn. "We moeten opschuiven." We sluipen langs de donkere schaduwen van de stellingen, diep de kelder in, op zoek naar het fysieke dossier van de maatschappelijk werker en de digitale back-upcomputer die volgens Lucas hier gekoppeld zou moeten zijn.

Eli leidt ons feilloos naar een afgesloten hoek van de kelder, waar een oude computerterminal staat opgesteld die verbonden is met het centrale netwerk van het stadsarchief. "Hier is het," zegt Eli opgewonden, terwijl hij achter de computer ploft en zijn USB-stick in de poort steekt. "Als ik deze back-up start, download ik niet alleen de bewijzen van de corruptie, maar stuur ik ze direct door naar de nationale opsporingsdiensten en de pers." Maar op dat exact moment klinkt er een hard geluid vlakbij. Het licht in de gang springt fel aan. Een lange gestalte verschijnt aan het einde van het gangpad, gevolgd door het kille schijnsel van een zaklantaarn. Het is Victor. Hij heeft ons gevonden.