DE VROUW LANGS DE WEG
News Story

DE VROUW LANGS DE WEG

0 weergaven

deel 7

Het geluid van de inslaande politieagenten vulde de kamer in een fractie van een seconde. "Handen omhoog! Niet bewegen! Politie!" klonk het koor van scherpe, autoritaire stemmen. De twee bewakers die achter me stonden, verloren direct hun stoïcijnse kalmte; hun handen vlogen omhoog nog voordat de agenten hun wapens konden doorladen. De Wit bleef versteend achter zijn plek staan, zijn hand halverwege de tafel, terwijl de kleur uit zijn gezicht trok alsof hij een spook zag.

Arthur van Houten zelf leek aanvankelijk minder onder de indruk. Hij nam nog een trage, bijna demonstratieve trek van zijn pijp, blies de rook omhoog richting de antieke kroonluchter en legde toen langzaam, heel langzaam, zijn pijp in de asbak. Pas toen zijn blik viel op de gestalte die achter de linie van agenten naar voren stapte, verkrampte zijn onderkaak.

Elizabeth van Houten.

Ze zag er niet uit als een vrouw die een paar uur daarvoor nog op de rand van de dood had gebalanceerd op een natte vluchtstrook. Ze droeg een donkerblauw mantelpak dat perfect zat, haar zilvergrijze haar was strak naar achteren gebonden, en in haar rechterhand hield ze een zwarte wandelstok van ebbenhout vast, waarmee ze met een ferme, ritmische tik de marmeren drempel van de werkkamer betrad. Haar ogen waren scherp als scheermesjes. Ze keek niet naar de agenten, niet naar De Wit, en zelfs niet naar mij. Haar blik was volledig gericht op haar broer.

"Arthur," zei ze. Haar stem klonk niet boos of verdrietig, maar ijskoud, dragend door de grote ruimte alsof ze een raadsvergadering opende. "Ik had je onderschat op het gebied van hebzucht, maar dat je bereid was om je eigen familie uit te schakelen via een moordaanslag op de snelweg... dat verbaast me zelfs van jou."

Arthur lachte schamper, hoewel zijn handen nu toch licht trilden op de armleuning van zijn fauteuil. "Elizabeth... wat een melodramatisch theater. Politie? Inval op mijn eigen landgoed? Je hebt zeker je hysterische vriendje hier opgescheept met een stel wilde verhalen?"

Hij wees met een minachtend gebaar naar mij. Ik stond daar nog steeds, ingeklemd tussen twee agenten, mijn kleren vochtig van de regen en mijn handen rood van de kou.

"Hij is geen hysterisch vriendje, Arthur," zei Elizabeth met een stem die geen tegenspraak duldde. Ze liep langs de linie agenten tot vlak voor het bureau van haar broer stond. Ze sloeg met haar wandelstok op het hout, een doffe, dreunende klap die door de kamer echode. "Hij is de man die mij vanochtend uit een wrak heeft getrokken toen jouw ingehuurde huurmoordenaars mijn remleidingen hadden doorgeknipt. En belangrijker nog: hij heeft al het bewijsmateriaal van jullie financiële en criminele malversaties veiliggesteld."

Ze draaide zich traag naar mij toe. Voor het eerst zag ik een vleugje zachtheid in haar ogen verschijnen, vermengd met diep respect.

"Jonge man," zei ze, en haar toon werd bijna warm. "Je hebt mijn leven gered. En zoals het een Van Houten betaamt: ik vergeet nooit wie mij geholpen heeft, en ik vergeet al helemaal niet wie mij probeerde te vermoorden."

De hoofdinspecteur van de eenheid stapte naar voren, klikte met een metalen handgebaar handboeien los en liep direct op Arthur en De Wit af. "Arthur van Houten en Hendrik de Wit, u bent beiden aangehouden op verdachtmaking van poging tot moord, voorbereiding van bedrijfsfraude en samenzwering. U heeft het zwijgen op te leggen..."

De rest van de mirandawet verdween naar de achtergrond toen de handboeien met een harde klik om Arthurs polsen werden gesloten. Hij verzette zich niet. Hij liet zich meevoeren, maar zijn ogen bleven tot het laatste moment op mij gericht – een blik vol pure haat en wraakzucht die me deed rillen, zelfs nu de politie de volledige controle had overgenomen.

De Wit werd als tweede afgevoerd. Binnen enkele minuten was de kamer leeg, op een paar rechercheurs, Elizabeth en mij na.

De oude vrouw zuchtte diep, liet haar wandelstok rusten tegen het bureau en pakte de zwarte USB-stick op die daar lag. Ze schoof hem in haar handpalm en keek me indringend aan.

"Caleb heeft je vanmorgen op staande voet ontslagen, hoorde ik," zei ze opeens, met een schuine glimlach.

Ik knikte, nog steeds een beetje verbouwereerd door alles wat er gebeurde. "Ja. Omdat ik door het ongeluk te laat was voor de presentatie."

Elizabeth glimlachte grimmig. "Caleb werkt al jaren voor Arthur. Hij dacht dat hij een held was door jou op straat te zetten. Maar weet je wat het mooiste is, Julian?"

Ze hield de USB-stick omhoog.

"Apex Solutions is niet zomaar een adviesbureau. Het is volledig eigendom van de holding. En vanaf morgen... ben jij niet meer werkloos. Vanaf morgen ben je de nieuwe algemeen directeur."

Ik staarde haar aan. Mijn adem stokte in mijn keel. De grond leek onder mijn voeten te wankelen. Een directeur? Ik?

Maar voordat ik kon antwoorden, ging de telefoon in de zak van mijn jas over. Ik nam op met een trillende hand. Het was mijn vrouw, Sarah. Haar stem klonk paniekerig en huilerig door de luidspreker. "Julian! Waar ben je in vredesnaam?! Er staan net drie mannen in pak bij ons voor de deur, en ze zeggen dat..."

De verbinding werd abrupt verbroken met een harde klik.