deel 4
De koude regendruppels sloegen in mijn gezicht toen ik de achterste parkeerplaats oprende. Mijn adem ging in witte wolken de lucht in. Achter me hoorde ik de zware metalen nooddeur met een harde klap dichtvallen, gevolgd door Calebs stem die rolde over het asfalt: "Hé! Jij daar! Staan blijven!"
Ik keek niet om. Ik trok de portier van mijn oude sedan open, wierp mijn tas op de bijrijdersstoel en gooide de deur met een doffe klap dicht. Mijn handen trilden zo erg dat de autosleutel twee keer uit mijn vingers glipte voordat ik hem in het contactslot kreeg. Achter de glazen pui van het kantoorgebouw zag ik Calebs gestalte verschijnen, geflankeerd door een brede man in een strakgrijs pak – waarschijnlijk die directeur uit Den Haag. Ze keken me aan met een blik die geen ruimte liet voor misverstanden: als ik nu wegreed, luidde dat het begin van een meedogenloze jacht in.
De motor sloeg aan met een rochelend geluid. Ik schakelde direct in zijn achteruit, trapte het gas in en maakte een scherpe bocht naar de uitgang van het terrein. Terwijl ik wegreed, zag ik in mijn achteruitkijkspiegel hoe Caleb zijn telefoon aan zijn oor bracht. Wie belde hij? De politie? Of waren het andere, minder fris ruikende contacten?
Ik reed de snelweg op, ver weg van het industrieterrein. Mijn gedachten raasden in een moordend tempo door mijn hoofd. Remmen doorgesneden. Elizabeth van Houten. Een poging tot moord op een van de machtigste zakenvrouwen van het land, en ik – een simpele analist en projectmanager – was toevallig op het juiste moment op de verkeerde plek geweest. Of juist andersom? Was mijn aanwezigheid daar soms een roet in het eten van een zorgvuldig gepland complot?
Na twintig minuten rijden parkeerde ik de auto op de stoffige hoek van een verlaten industrieterrein aan de rand van de stad, verscholen achter een verlaten loods. Hier zou niemand me direct zoeken. Ik haalde de zwarte USB-stick uit mijn binnenzak en legde hem op het dashboard. Wat stond hier in vredesnaam op? Ik had deze stick de afgelopen maanden gebruikt om allerhande financiële rapporten en interne fusievoorstellen op te slaan voor Apex Solutions. Maar als Linda gelijk had, en Caleb en zijn broodheren uit Den Haag bang waren voor wat ik wist, dan moest er op deze stick veel meer staan dan wat saaie balansen.
Ik pakte mijn laptop uit de tas, klapte het scherm open en stak de USB-stick in de poort. Het kleine led-lampje op de stick knipperde even rood, en verscheen vervolgens op het scherm. Ik opende de mappenstructuur. Op het eerste oog leek het normaal: mappen met Q1_Rapportage, Project_Nexus, Klantanalyses.
Maar toen ik de verborgen bestanden inschakelde, verscheen er een nieuwe map met een naam die mijn bloed deed stollen: Project_Aegis_Confidential.
Ik dubbelklikte erop. Een reeks versleutelde bestanden verscheen, samen met een aantal pdf-documenten en e-mailarchieven. Ik opende het eerste document. Het was een intern memorandum van Apex Solutions, gedateerd van vorige week. De ontvanger was niemand minder dan de directie van Van Houten Holding; de afzender was Caleb zelf.
De inhoud van het memo deed me naar adem snakken. Het ging over een vijandige overname van Van Houten Holding door een onbekend investeringsfonds uit het buitenland. Apex Solutions was ingehuurd als financieel adviseur, maar uit de stukken bleek dat ze al maandenlang bezig waren om de aandelen van de oude mevrouw Van Houten te verwateren en haar te isoleren van haar medebestuurders. En als ze niet wilden meewerken? Dan zou het bedrijf via gefabriceerde schandalen en juridische claims tot de grond toe worden afgebroken.
En Elizabeth van Houten zelf? Haar dood of volledige uitschakeling zou de weg vrijmaken voor een definitieve handtekening op de overnamepakketten. Een handtekening die vandaag om tien uur gezet zou worden – op dezelfde ochtend dat ik haar redde van een naderende dood op de snelweg.
Daarom was de presentatie van vanochtend zo belangrijk geweest! Dat was niet zomaar een gewone klantbespreking; dat was de definitieve afronding van de miljardendeal op papier. En doordat ik Elizabeth had geholpen en daardoor de presentatie had gemist, was de ondertekening uitgesteld. Ze hadden geen handtekening. Ze hadden alleen een paniekerige directie en een machteloze woede.
Mijn handen gleden van het toetsenbord. Plotseling werd de auto omringd door een fel licht.
Ik schrok op en keek door de voorruit. Twee zwarte terreinwagens waren met hoge snelheid het verlaten terrein op gereden en hadden me aan weerszijden ingesloten. Hun koplampen schenen fel door mijn ramen, verblindend en meedogenloos. De deuren van de wagens vlogen open. Zware schappen hakten in de natte grond.
Voordat ik kon reageren, werd het portier aan mijn bestuurderskant met een harde ruk opengetrokken. Een grote man in een donkere jas greep me bij mijn kraag en sleurde me naar buiten, de regen in.






