DEEL 11 — Subject 011
Ik staarde naar de identiteitskaart in zijn hand.
SUBJECT 011.
Mijn mond werd droog.
“Wie ben jij?”
Hij antwoordde niet.
Hij stond daar rustig, midden in de rook, alsof de chaos om hem heen hem niets deed.
Toen stapte hij naar voren.
Ik herkende hem.
Mijn hart zakte in mijn borst.
“Thomas…”
Patricia keek hem aan.
“Dat kan niet.”
Thomas glimlachte flauwtjes.
“Jullie hebben er lang over gedaan.”
Ik keek naar Emily.
Zij knikte langzaam.
“Hij is één van hen.”
“Maar hij is volwassen.”
“Dat was precies het doel.”
Mijn hoofd tolde.
Thomas had al die jaren naast me gestaan.
Hij had me geholpen.
Hij had me gewaarschuwd.
Hij had gezegd dat hij wist wie Emily had laten verdwijnen.
En ondertussen…
Was hij zelf onderdeel van Project Echo.
“Hoe oud was je toen ze je meenamen?”
Thomas keek naar de grond.
“Zes.”
“En je ouders?”
“Dood.”
“Hoe?”
Hij keek naar Shepherds lege stoel.
“Dat is een verhaal voor later.”
Ik wilde naar hem toe lopen, maar Emily greep mijn arm.
“Niet doen.”
“Waarom?”
“Omdat hij nog steeds niet weet aan welke kant hij staat.”
Thomas keek haar aan.
“Dat is niet eerlijk.”
Emily antwoordde:
“Je hebt acht jaar voor Shepherd gewerkt.”
“Ik had geen keuze.”
“Dat zei Richard ook.”
De woorden raakten mijn vader.
Hij keek weg.
Thomas liep naar het zwarte koffertje dat naast Emily lag.
Hij knielde.
“Dit is wat Shepherd wilde.”
Hij opende het.
Binnen lag één harde schijf.
En een klein metalen apparaat.
Ik keek ernaar.
“Wat staat daarop?”
“Alles.”
“Project Echo?”
“De originele gegevens.”
Emily schudde haar hoofd.
“Niet alleen Project Echo.”
Thomas keek haar aan.
“Je weet het?”
“Ja.”
“Wat weet je?”
Emily keek naar mij.
“De echte financier.”
Ik voelde een koude rilling.
“Wie?”
Thomas antwoordde:
“Niet Shepherd.”
Mijn vader keek op.
“Wie dan?”
Thomas pakte de harde schijf.
“Een organisatie die al tientallen jaren kinderen met bepaalde genetische eigenschappen opspoort.”
Patricia fluisterde:
“Wie?”
Thomas zei één woord.
“Orion.”
De naam bleef in de lucht hangen.
Ik kende hem niet.
Maar mijn vader wel.
Hij werd lijkbleek.
“Orion bestaat niet.”
Thomas lachte bitter.
“Dat is precies waarom ze zo succesvol zijn.”
Plotseling begon het alarm harder te klinken.
Emily keek naar het plafond.
“Over vijf minuten wordt deze verdieping afgesloten.”
“Dan gaan we.”
Ik pakte Ava's hand.
Lucas hield zich aan mijn jas vast.
Emily liep naast ons.
Mijn moeder en Patricia volgden.
Thomas bleef achter.
Ik draaide me om.
“Kom.”
Hij keek naar mij.
“Ik kan niet.”
“Waarom niet?”
Hij hield de harde schijf omhoog.
“Iemand moet de gegevens uploaden.”
“Doe dat onderweg.”
“Dat lukt niet.”
Emily kwam terug.
“Thomas…”
Hij keek haar aan.
“Ik weet wat ik moet doen.”
“Je begrijpt wat er gebeurt als Shepherd terugkomt?”
“Ja.”
“Hij zal je doden.”
Thomas glimlachte.
“Dat probeert hij al jaren.”
Hij liep naar een computer.
Ik wilde hem tegenhouden.
Maar toen pakte Emily mijn hand.
“Daniel.”
Ik keek haar aan.
“Je kinderen eerst.”
Ik knikte.
We renden door de gang.
Achter ons hoorden we deuren dichtvallen.
Een harde dreun.
Toen nog één.
De uitgang begon te sluiten.
We bereikten de lift.
Ik drukte op de knop.
Niets.
“Verdomme!”
Emily keek naar het paneel.
“De stroom is uitgeschakeld.”
Mijn moeder wees naar een noodtrap.
“Daar!”
We renden naar boven.
Toen we de begane grond bereikten, hoorde ik voetstappen.
Veel voetstappen.
“Ze komen.”
Patricia keek naar de ingang.
Mensen in zwarte kleding kwamen het gebouw binnen.
Gewapend.
“Wie zijn dat?”
Emily antwoordde:
“Orion.”
Mijn hart sloeg sneller.
“Hoe weten ze dat we hier zijn?”
Ze keek naar mijn vader.
Mijn vader schudde onmiddellijk zijn hoofd.
“Niet via mij.”
Toen hoorde ik mijn telefoon.
Een nieuw bericht.
Van een onbekend nummer.
KIJK NAAR JE MOEDER.
Ik keek naar haar.
Ze stond stil.
Te stil.
Toen viel er iets uit haar jas.
Een kleine telefoon.
Het scherm lichtte op.
Daarop stond een bericht:
HEB JE ZE GEVONDEN?
Afzender:
SHEPHERD.
Ik keek haar aan.
“Mam?”
Ze begon te huilen.
“Daniel…”
“Werk jij voor hem?”
“Nee.”
“Wie stuurde dat bericht?”
Ze antwoordde niet.
Mijn vader stapte naar voren.
“Ze heeft ons verraden.”
Mijn moeder keek hem aan.
“Jij hebt Emily verraden!”
“Maar ik heb geprobeerd het goed te maken.”
“Te laat!”
De zwarte mannen kwamen dichterbij.
Emily pakte Ava op.
Ik tilde Lucas op.
“Waarheen?”
Mijn vader wees naar een oude nooddeur.
“Daarachter is een tunnel.”
We renden.
Een kogel sloeg tegen de muur.
Ava gilde.
Ik hield haar steviger vast.
We bereikten de tunnel.
Mijn vader sloot de deur achter ons.
We liepen door de donkere gang.
Toen hoorde ik achter ons een stem.
“Daniel!”
Shepherd.
Ik draaide me om.
Hij stond aan de andere kant van het hek.
Hij glimlachte.
“Je kunt niet vluchten.”
Ik schreeuwde:
“Waar is Elena?”
Zijn glimlach verdween.
“Vraag dat aan Emily.”
Ik keek naar Emily.
Ze werd bleek.
“Wat?”
Shepherd lachte.
“Vertel hem wat er die nacht werkelijk gebeurde.”
Emily sloot haar ogen.
Toen fluisterde ze:
“Elena is niet door Shepherd meegenomen.”
Ik voelde mijn hart stoppen.
“Wie dan?”
Emily keek naar mijn moeder.
Mijn moeder begon te huilen.
En zei:
“Ik.”
De stilte was ondraaglijk.
“Waarom?”
Mijn moeder keek naar Elena's naam op de harde schijf.
“Omdat ik wist dat Shepherd haar zou vinden.”
Ik kon nauwelijks praten.
“Waar heb je haar naartoe gebracht?”
Mijn moeder keek me aan.
“Bij iemand die jij kent.”
“Wie?”
Ze antwoordde:
“Je zus.”
Ik verstijfde.
“Mijn zus is acht jaar geleden overleden.”
Mijn moeder schudde haar hoofd.
“Nee, Daniel.”
Ze veegde haar tranen weg.
“Je zus leeft.”
Achter ons begon het hek te trillen.
Shepherd probeerde binnen te komen.
Mijn moeder pakte mijn hand.
“En zij is degene die al die jaren Elena heeft verborgen.”
Ik keek naar Emily.
Emily fluisterde:
“Daniel…”
“Wat?”
“Je zus is Subject 010.”
Op dat moment brak het hek open.
En Shepherd kwam de tunnel in.
WORDT VERVOLGD…






