De regen tikte ritmisch tegen de ruiten van het oude herenhuis aan de rand van Rotterdam, maar binnen was de sfeer ijzig en verstikkend. Bram lag op zijn ziekbed in de sombere slaapkamer op de eerste verdieping, de plek waar zijn wereld de afgelopen weken was ingekrompen tot de afmetingen van een verstelbaar matras en de witte muren van pijn.
News Story

De regen tikte ritmisch tegen de ruiten van het oude herenhuis aan de rand van Rotterdam, maar binnen was de sfeer ijzig en verstikkend. Bram lag op zijn ziekbed in de sombere slaapkamer op de eerste verdieping, de plek waar zijn wereld de afgelopen weken was ingekrompen tot de afmetingen van een verstelbaar matras en de witte muren van pijn.

19 weergaven

Deel 10: Het Gesprek met Lucas

Bram draaide zich om en liep langzaam naar Lucas toe, wiens schouders steeds verder naar beneden zakken onder het gewicht van zijn mislukking. "Luister goed, Lucas," begon Bram met een rustige, beheerste stem. "Ik ga geen contact opnemen met de tuchtraad voor je. Ik ga niet liegen om jouw hachje te redden, en ik ga je niet beschermen tegen de gevolgen van je eigen keuzes.

Dat is precies de fout die vader zijn hele leven heeft gemaakt: hij heeft al onze fouten toegedekt tot het kruitvat ontplofte." Lucas keek op, woedeflitsen in zijn ogen. "Dus je laat me vallen? Net zoals de rest van de familie? Ik ben je broer!" "Ja, je bent mijn broer," herhaalde Bram vastberaden. "En omdat ik je broer ben, zal ik je niet helpen om die vicieuze cirkel in stand te houden.

Maar... als je hier wilt komen werken als assistent in de stichting, onderaan de ladder, en als je bereid bent om je eerlijk door al die dossiers te worstelen om slachtoffers van financiële fraude te helpen... dan is er een plek voor je. Niet als jurist met aanzien, maar als iemand die zijn eigen fouten rechtzet door anderen te redden." Lucas zweeg.

De stilte rekte zich uit terwijl hij de woorden op zich liet inwerken. Zijn trots, die hem jarenlang had gedreven om hogerop te komen ten koste van alles en iedereen, schreeuwde nee. Maar zijn angst om helemaal alleen achter te blijven in de koude stad fluisterde ja. Uiteindelijk liet Lucas zijn blik zakken. Hij knikte traag, een nauwelijks merkbare beweging.

"Wanneer kan ik beginnen?" "Morgen om acht uur," antwoordde Bram. "En zorg dat je op tijd bent. Hier gelden geen uitzonderingen meer." Die middag keek Clara toe vanuit de keuken hoe Lucas met een bezem in de hand de stoep voor de deur aan het vegen was. Ze legde haar hand op Brams schouder. "Denk je dat hij het gaat redden?" "Dat weet ik niet, mam," zei Bram, terwijl hij naar buiten keek waar de zon door de wolken brak. "Maar hij krijgt in ieder geval de kans om een echt eigen verhaal te schrijven."