DEEL 10 — De Laatste Keuze
Het licht van de helikopter draaide cirkels over de muren van de oude boerderij. Het geronk van de rotoren trilde door de vloerplanken en deed het stof in de lucht opwelselen. Ze hadden ons gevonden. De thermische camera's aan boord van de helikopter hadden onze lichaamswarmte feilloos opgespoord in dit verlaten landschap.
"Ze zijn er," zei Luke met een kalmte die me angst aanjoeg. Hij stond op, liep naar het open raam en keek naar buiten waar de koplampen van zwarte terreinwagens door de modderige velden aan het naderen waren.
"Luke, we slaan op de vlucht, we moeten ons verstoppen in het rietland!" riep ik uit en probeerde op te staan, maar Luke schudde beslist zijn hoofd.
"Nee, mam. Dit houdt hier op. Als ik doorga met rennen, blijven ze achter je aan komen. Tien gezinnen zijn al vernietigd. Ik ga niet toestaan dat jij de elfde wordt."
"Wat ben je van plan?" vroeg ik, terwijl paniek mijn keel dichtkneep.
Luke keek me aan, en voor het eerst zag ik een diepe, volwassen rust in zijn ogen. Hij pakte een klein, glazen ampulletje uit zijn rugzak—hetzelfde buisje waar hij de hele reis zo krampachtig voor had gezorgd. "Dit is het enige waar ze achter aan zitten. Als ik dit vernietig, hebben ze geen reden meer om ons te jagen."
"Nee, Luke, doe het niet!" gilde ik, terwijl deuren van de auto's buiten met harde klappen werden geopend en zware laarzen op het grind stampten. Stemmen riepen door megafoons: Huis omsingeld! Kom naar buiten met je handen omhoog!
Luke glimlachte, trok de rits van zijn jas open, en voordat ik kon ingrijpen, tilde hij het glazen buisje op en gooide het met een krachtige zwaai recht op de stenen vloer, waar het in duizenden schitterende scherven uiteenspatte.
Een luide knal volgde, en de hele wereld leek in een flits te verdwijnen.
* * *






