Deel 8
Mijn hart leek stil te staan. Bernhard Weber — de machtige Duitse miljardair wiens invloed reikwijdte tot in de hoogste politieke en zakelijke kringen — stond op een steenworp afstand van mij.
De twee breedgeschouderde mannen in strakke pakken kwamen met snelle, afgemeten stappen op mij af. Midden op het drukke busstation durfde niemand in te grijpen; de opzichtige luxe en de dreigende aura van de zwarte wagens schrikten iedereen af.
"Mevrouw Bennett," zei de man met de gouden bril met een zwaar, aristocratisch Duits accent. "Mijn naam is Bernhard Weber. U hoeft niet bang te zijn. Ik ben hier niet om u te schaden."
"Blijf bij me uit de buurt!" zei ik, terwijl ik een stap achteruit deed tegen de glazen wand van het bushokje. "Ik heb de politie al gebeld!"
Bernhard glimlachte fleltjes. "Dat weet ik. Ik heb hun oproep laten omleiden. De auto die u verwachtte, zal niet komen."
Een ijskoude schrik ging door me heen. Zijn macht was dus nog groter dan ik vreesde.
"Waarom bent u hier?" vroeg ik, terwijl ik de map en de usb-stick stevig vastklemde.
"Omdat u dingen weet die mijn familie aangaan," zei Bernhard strak. "En omdat u de sleutel bent tot het oplossen van een schandaal dat mijn dochter kan ruïneren. Stap in de auto, Claire. We gaan praten als beschaafde mensen. Als ik u kwaad had willen doen, lag u nu al achterin de kofferbak."
Ik keek om me heen. Er was geen vlroute. De auto's blokkeerden het plein en zijn mannen stonden op strategische posities. Ik had geen keuze.
Ik stapte achterin de middelste auto. Bernhard nam plaats naast mij, en de deuren sluiten met een doffe, luchtdichte klak. De wagen trok meteen op.
"Sophie denkt dat ze van Julian houdt," begon Bernhard zodra we de snelweg op reden. "Ze is jong, naief en beïnvloedbaar. Toen ze me vertelde dat ze zwanger was van de zoon van Klaus Visser, was ik in eerste instantie tevreden. Een fusie tussen onze bedrijven zou ons beiden miljarden opleveren."
Hij keek me met scherpe, blauwe ogen aan. "Maar ik ben geen domme man, Claire. Ik vertrouw Klaus Visser voor geen cent. Ik heb mijn eigen onderzoekers op Julian gezet. En wat zij ontdekten, verontrustte mij mateloos."
"Dat hij onvruchtbaar is?" vroeg ik.
Bernhard knikte langzaam. "Onder andere. Julian heeft mijn dochter wijsgesproken dat het kind van hem is, terwijl hij drommels goed weet dat dat medisch onmogelijk is. Hij wilde haar gebruiken om mijn geld en invloed binnen te slepen."
"En wie is de echte vader?" vroeg ik.
Bernhard slaakte een diepe zucht. "Dat maakt niet uit. Sophie is verleid door een gigolo die door Julian zelf was ingehuurd om haar in een chantagebare positie te dwingen. Julian heeft het hele scenario van begin tot eind in elkaar gezet. Hij wilde mijn dochter zwanger hebben, zodat hij de controle over haar erfenis kon krijgen."
Mijn maag draaide zich om. De diepte van Julians kwaadaardigheid kende werkelijk geen grenzen. Hij had niet alleen mij bedrogen en zijn broer vermoord; hij had een jonge vrouw erin geluisluisd om haar miljardenfamilie over te nemen.
"En wat wilt u van mij?" vroeg ik.
"Ik wil dat u mij het bewijs geeft," zei Bernhard, en hij keek naar de zwarte map op mijn schoot. "De medische dossiers. De vervalste contracten. En de stick die u uit het kluisje hebt gehaald."
"En wat krijg ik ervoor terug?" vroeg ik stellig. "Jullie families spelen allemaal met levens alsof we schaakstukken zijn. Ik wil mijn leven terug. Ik wil dat Julian en zijn ouders boeten voor wat ze mij én Thomas hebben aangedaan."
Bernhard strakte zijn rug. "Thomas... ik kende die jongen. Hij was eerlijk. Wat er met hem is gebeurd, was een schande. Als u mij het bewijs geeft om de Vissers zakelijk en juridisch te verpletteren, zorg ik ervoor dat u een nieuw leven krijgt. Geld, bescherming, en topadvocaten die uw scheiding en de strafzaak regelen."
Ik keek naar de man naast me. Hij was een harde zakenman, maar er lag een authentieke woede in zijn ogen over het verraad aan zijn dochter.
"Goed," zei ik. "Maar ik geef u de stick pas als we bij een veilige plek zijn en ik een advocaat heb gesproken."
Bernhard knikte goedkeurend. "Verstandig. We rijden naar mijn privé-landgoed nabij de grens. Daar bent u veilig."
De rit duurde ruim een uur. We kwamen aan bij een groot, omheind landgoed met zware ijzeren hekken en beveiligers bij de poort. De auto stopte voor een indrukwekkend herenhuis.
Bernhard begeleidde me naar een ruime bibliotheek op de eerste verdieping. "Ga zitten, Claire. Mijn advocaat is onderweg."
Ik ging op een van de leren fauteuils zitten. De spanning van de dag begon haar tol te eisen; mijn handen trilden en ik voelde me slapper worden.
Een bediende bracht een kop thee. Ik nam een paar slokken om mijn droge keel te verzachten.
Terwijl ik wachtte, keek ik rond in de kamer. Op een groot bureau lag een opgeslagen tablet. Het scherm lichtte op toen er een melding binnenkwam.
Ik stond op en liep er nieuwsgierig naartoe.
Op het scherm stond een beveiligingsstream van de poort van het landgoed. Een zwarte wagen reed zojuist het terrein op.
Uit de wagen stapte Klaus Visser. En aan zijn zijde... stapte Sophie.
Maar wat me het meest choqueerde, was het gesprek dat via de microfoon van de camera te horen was.
Sophie lachte zachtjes en zei tegen Klaus in het Duits: "Is vader er al? Heeft hij dat naïeve mens te pakken gekregen?"
Klaus antwoordde met een kille grinnik: "Ja. Bernhard speelt zijn rol perfect. Ze denkt echt dat hij haar komt redden."
Mijn wereld stortte opnieuw in. Bernhard Weber zat niet áchter de Vissers aan.
Bernhard Weber zat in het complot.






