E MAFIABAAS LAG TE STERVEN
News Story

E MAFIABAAS LAG TE STERVEN

0 weergaven

DEEL 2 — WAT ER ONDER DE HUID ZAT

Dr. Pieter Meijer stond in de deuropening.

Niemand bewoog.

Zijn glimlach was rustig.

Veel te rustig voor iemand die zojuist had gehoord dat een patiënt bijna doodging.

Jeroen trok zijn pistool omhoog.

“Handen omhoog.”

Pieter keek naar het wapen.

“Je begrijpt niet wat je doet.”

“Dat bepaal ik zelf.”

“Als je me neerschiet, sterft je broer.”

Jeroen verstijfde.

Sophie keek naar Daan.

Zijn ogen waren opnieuw gesloten.

De monitor piepte onregelmatig.

Lucas liep naar Pieter.

“Wat heb je in zijn wond gestopt?”

Pieter keek hem recht aan.

“Niet wat jij denkt.”

“Dat is geen antwoord.”

Pieter zuchtte.

“Die hechtingen houden iets tegen.”

Sophie voelde een koude rilling.

“Wat?”

Pieter keek naar haar.

“Je hebt het al gezien.”

Sophie schudde haar hoofd.

“Ik weet alleen dat er iets beweegt.”

“Precies.”

Jeroen kwam dichterbij.

“Wat zit er in mijn broer?”

Pieter zweeg.

Toen zei hij:

“Een drager.”

Lucas fronste.

“Een drager van wat?”

Pieter keek naar de zwarte draad.

“Een biologisch middel dat zich aan levend weefsel hecht.”

Sophie voelde haar maag samentrekken.

“Waarom?”

“Om iemand langzaam ziek te maken zonder dat de oorzaak gemakkelijk wordt gevonden.”

Jeroen keek hem woedend aan.

“Dus je hebt hem vergiftigd?”

“Nee.”

Pieter schudde zijn hoofd.

“Ik heb geprobeerd hem in leven te houden.”

* * *

Lucas keek naar de wond.

“Hoe lang weet je hiervan?”

“Vanaf de dag dat hij werd neergeschoten.”

“Waarom heb je niemand verteld wat je had ontdekt?”

Pieter keek naar Jeroen.

“Omdat iemand binnen deze familie wilde dat Daan zou sterven.”

Jeroen werd stil.

“Wie?”

Pieter antwoordde niet.

Hij keek naar Sophie.

“Vraag haar.”

Iedereen keek naar Sophie.

“Waarom mij?”

“Omdat jij de eerste persoon was die de draad herkende.”

Sophie begreep het niet.

“Dat is onmogelijk.”

Pieter liep langzaam naar haar toe.

“Je moeder werkte vroeger in Tilburg.”

Sophie verstijfde.

“Hoe weet u dat?”

“Omdat ik haar kende.”

De kamer werd stil.

Sophie keek hem aan.

“Mijn moeder is acht jaar geleden overleden.”

Pieter knikte.

“Dat weet ik.”

“Waar kende u haar van?”

Hij antwoordde:

“Ze werkte voor hetzelfde bedrijf als mijn zus.”

“En?”

“Ze ontdekte iets.”

Sophie voelde haar hartslag versnellen.

“Wat?”

Pieter keek naar Daan.

“Een manier om het middel zichtbaar te maken.”

Sophie dacht aan de geur.

Aan de zwarte draad.

Aan de textielfabriek.

“Mijn moeder wist hiervan?”

“Ja.”

“Waarom heeft ze me nooit iets verteld?”

“Omdat ze wist dat mensen die erover praatten verdwenen.”

* * *

Jeroen keek naar Pieter.

“Wie heeft mijn broer neergeschoten?”

“Dat weet ik niet.”

“Leugenaar.”

“Als ik het wist, zou ik hier niet staan.”

Jeroen richtte zijn pistool opnieuw op hem.

Pieter bleef kalm.

“Schiet maar.”

“Jeroen!” riep Lucas.

Maar Pieter ging verder.

“Je broer is niet het enige slachtoffer.”

Jeroen keek hem aan.

“Wat bedoel je?”

Pieter haalde een kleine USB-stick uit zijn zak.

“Er zijn nog zes mensen.”

“Wie?”

“Dat staat hierop.”

Jeroen pakte de USB-stick.

“Waarom geef je dit nu?”

“Omdat ik weet dat ik de volgende ben.”

Op dat moment klonk buiten een harde knal.

De ramen trilden.

Iedereen keek op.

Nog een knal.

Daarna begonnen de beveiligingscamera's uit te vallen.

Lucas keek naar zijn tablet.

“Geen verbinding.”

Jeroen riep naar de beveiligers.

Niemand antwoordde.

“Verdomme.”

Hij liep naar de deur.

Sophie hoorde buiten geschreeuw.

Toen een reeks voetstappen.

Pieter keek haar aan.

“Ze zijn gekomen.”

“Wie?”

“De mensen die willen voorkomen dat Daan wakker wordt.”

* * *

Jeroen sloot de deur.

“Lucas, hoe lang kunnen we hem stabiel houden?”

“Niet lang.”

“Hoe lang?”

“Misschien twintig minuten.”

Sophie keek naar Daan.

“Kunnen we die hechtingen verwijderen?”

Pieter schudde onmiddellijk zijn hoofd.

“Nee.”

“Maar er zit iets in hem.”

“Als je de draad verwijdert, komt het middel vrij.”

“Dus wat moeten we doen?”

Pieter keek naar haar.

“De hechtingen één voor één vervangen.”

Lucas keek hem ongelovig aan.

“Dat is een complexe chirurgische ingreep.”

Pieter knikte.

“En we hebben geen operatiekamer.”

Jeroen keek naar de tafel.

“Dan maken we er één.”

* * *

De bibliotheek werd in enkele minuten omgebouwd.

Lampen.

Steriele doeken.

Instrumenten.

Alles wat beschikbaar was.

Lucas trok zijn handschoenen aan.

Pieter stond naast hem.

Sophie bleef aan de andere kant van het bed.

“Waarom blijf jij hier?” vroeg Lucas.

Sophie antwoordde:

“Omdat ik iets zie wat jullie niet zien.”

Lucas keek haar aan.

“Wat?”

“De draad beweegt.”

Hij lachte nerveus.

“Dat kan niet.”

Sophie wees.

“Daar.”

Iedereen keek.

Een van de zwarte vezels trok langzaam samen.

Pieter werd bleek.

“Ze heeft gelijk.”

Lucas staarde naar de wond.

“Dat is onmogelijk.”

“Niet als het materiaal biologisch reageert.”

Pieter pakte een instrument.

“Beginnen.”

* * *

De eerste hechting werd voorzichtig doorgesneden.

Daan begon onmiddellijk te schokken.

De monitor piepte.

“Zijn hartslag stijgt!”

Lucas keek naar Pieter.

“Ga door.”

De draad kwam langzaam los.

Daaronder zat iets donkers.

Klein.

Dun.

Bijna als een wortel.

Sophie hield haar adem in.

“Dat…”

Pieter fluisterde:

“Niet aanraken.”

Het ding bewoog.

Het trok zich dieper terug.

Lucas keek geschokt.

“Het leeft.”

Pieter knikte.

“Ja.”

“Hoe krijg je het eruit?”

“Dat is het probleem.”

Hij keek naar Sophie.

“Je moeder ontdekte ooit dat het niet kan worden verwijderd zolang het lichaam warm is.”

Sophie fronste.

“Wat betekent dat?”

Pieter antwoordde:

“Je moet het eerst inactiveren.”

“Hoe?”

Pieter keek naar de oude piano in de hoek van de bibliotheek.

“Met geluid.”

Iedereen keek hem aan.

“Geluid?”

“Een bepaalde frequentie.”

Sophie begreep het plotseling.

De trillingen.

De draad.

De beweging.

Ze keek naar de piano.

“Welke frequentie?”

Pieter zei niets.

Toen pakte hij een oud vel papier uit zijn tas.

Daarop stond een reeks noten.

Sophie herkende de melodie.

Haar moeder had die vroeger thuis gespeeld.

Ze fluisterde:

“Dit lied…”

Pieter knikte.

“Precies.”

* * *

Buiten klonk een explosie.

De deur trilde.

Jeroen schreeuwde:

“Ze komen binnen!”

Sophie ging achter de piano zitten.

Ze legde haar vingers op de toetsen.

Daan lag bewegingloos op het bed.

Lucas keek naar de monitor.

Pieter hield zijn adem in.

Sophie speelde de eerste noot.

Niets gebeurde.

De tweede.

Toen de derde.

De zwarte draad begon te trillen.

Pieter fluisterde:

“Ga door.”

Sophie speelde verder.

Plotseling kromde Daans lichaam zich.

De monitor schoot omhoog.

En onder de huid van zijn schouder begon iets wild te bewegen.

Jeroen keek geschokt.

“Wat gebeurt er?”

Pieter antwoordde:

“Het probeert eruit te komen.”

Sophie bleef spelen.

De deur begon open te breken.

Nog één noot.

Toen viel er iets kleins en donkers uit de wond.

Het landde op het steriele doek.

Het bewoog nog.

Iedereen verstijfde.

Pieter keek ernaar.

“Het is eruit.”

Maar toen begon Daan plotseling te lachen.

Heel zacht.

Hij opende zijn ogen.

En fluisterde:

“Jullie zijn te laat.”

Sophie stopte met spelen.

“Wat?”

Daan keek naar zijn broer.

“Er zat maar één ding in mijn schouder.”

Jeroen kwam dichterbij.

“Wat bedoel je?”

Daan glimlachte zwak.

“Het andere…”

Hij keek naar Sophie.

“…zit al maanden in dit huis.”

Op datzelfde moment werd de deur ingetrapt.

Gewapende mannen stormden naar binnen.

En achter hen stond een vrouw.

Sophie herkende haar onmiddellijk.

Het was haar eigen tante.

De vrouw die volgens haar moeder al vijftien jaar geleden was overleden.

Ze glimlachte.

“Eindelijk hebben jullie het gevonden.”