DEEL 5 — HET KIND DAT NOOIT VAN SOPHIE WAS
Sophie voelde alsof de vloer onder haar voeten verdween.
“Dat is niet waar.”
Isabelle bleef in de deuropening staan.
In haar hand hield ze het DNA-rapport.
“Je weet dat het waar is.”
Sophie keek naar Lucas.
Het kleine jongetje lag rustig te slapen.
Zijn kleine borst bewoog langzaam op en neer.
“Hij is mijn zoon.”
Isabelle schudde haar hoofd.
“Nee.”
“Je liegt.”
“Dan waarom heb je hem nooit laten testen?”
Sophie zweeg.
Thomas keek van de ene vrouw naar de andere.
“Wacht.”
Hij pakte het rapport uit Isabelle’s hand.
“Dit kan niet.”
Isabelle keek hem aan.
“Waarom niet?”
“Omdat Lucas vier dagen geleden uit Sophie is geboren.”
“Dat betekent niet dat Sophie zijn biologische moeder is.”
Thomas keek haar geschokt aan.
“Hoe kan dat?”
Isabelle antwoordde:
“Embryotransfer.”
De kamer werd stil.
Daan keek Sophie aan.
“Sophie…”
Ze sloot haar ogen.
Thomas begreep het langzaam.
“Je wist het.”
Sophie antwoordde niet.
“Je wist dat Lucas biologisch niet van jou was.”
Een traan rolde over haar wang.
“Ja.”
Thomas voelde zijn hart breken.
“Waarom heb je het mij nooit verteld?”
“Omdat jij nooit naar de waarheid wilde luisteren.”
“Dat is geen antwoord.”
Sophie keek hem recht aan.
“Omdat Lucas mijn enige kans was om Isabelle te stoppen.”
* * *
13.06 UUR
Isabelle lachte bitter.
“Daar heb je het.”
Thomas keek naar haar.
“Waarvan beschuldig je haar?”
“Ze heeft mijn embryo gestolen.”
Sophie schudde haar hoofd.
“Dat embryo was nooit van jou.”
Isabelle verstijfde.
“Wat?”
“Je vader heeft het laten maken.”
“Mijn vader?”
Sophie knikte.
“Jouw vader en de vader van Thomas.”
Thomas keek verbaasd.
“Mijn vader?”
“Ja.”
Daan liep naar het raam.
“Ze waren jarenlang zakenpartners.”
Thomas keek hem aan.
“Mijn vader en Victor?”
“Niet alleen zakenpartners.”
Daan draaide zich om.
“Ze werkten samen aan een illegaal fertiliteitsprogramma.”
Thomas werd bleek.
“Waarom?”
Daan antwoordde:
“Ze wilden kinderen creëren die genetisch perfect bij bepaalde families pasten.”
Isabelle balde haar vuisten.
“En mijn embryo?”
Sophie keek haar aan.
“Jouw embryo was onderdeel van dat programma.”
“Dus jij wist het?”
“Ja.”
“En je hebt het toch gebruikt?”
Sophie keek naar Lucas.
“Ik heb hem gered.”
Isabelle liep naar de wieg.
“Hij is van mij.”
Sophie stapte voor haar.
“Je hebt geen idee wat je zegt.”
Isabelle keek haar aan.
“Geef hem aan mij.”
“Nee.”
“Hij is mijn zoon.”
“Hij is een kind.”
Sophie’s stem brak.
“Geen eigendom.”
* * *
13.19 UUR
Thomas stond tussen hen in.
“Genoeg.”
Iedereen keek naar hem.
“Ik wil de waarheid.”
Hij keek naar Sophie.
“Alles.”
Sophie haalde diep adem.
“Zes jaar geleden ontdekte ik dat jouw vader nog leefde.”
Thomas verstijfde.
“Wat?”
“Hij had zijn dood in scène gezet.”
“Waarom?”
“Omdat Victor hem probeerde te ontmaskeren.”
Thomas keek naar Daan.
“En jij wist dit?”
Daan knikte.
“Ja.”
Thomas keek opnieuw naar Sophie.
“Waarom ben je dan met mij getrouwd?”
Sophie begon te huilen.
“Omdat ik van je hield.”
“Dat geloof ik niet meer.”
Ze keek hem aan.
“Dat is jouw keuze.”
Thomas zweeg.
Sophie ging verder.
“Maar er was nog iets.”
“Wat?”
“Toen ik ontdekte wat onze vaders hadden gedaan, ontdekte ik ook dat er drie embryo's waren opgeslagen.”
Thomas keek naar de drie baby's.
“De onze?”
“Ja.”
“Hoe?”
Sophie antwoordde:
“Jouw genetisch materiaal was één van de donoren.”
Thomas schrok.
“Zonder dat ik het wist?”
“Ja.”
“Wie heeft dat toegestaan?”
“Je vader.”
Thomas sloot zijn ogen.
Zijn hele leven was één grote leugen geweest.
* * *
13.34 UUR
Daan legde een map op tafel.
“Er is meer.”
Thomas keek hem aan.
“Wat?”
“De drie kinderen zijn niet toevallig.”
Hij opende de map.
“Baby Mila heeft jouw DNA.”
Thomas knikte.
“Dat weet ik.”
“Maar Noa…”
Hij legde een tweede document neer.
“Is genetisch verbonden aan mij.”
Thomas keek naar het rapport.
“En Lucas?”
Daan keek naar Isabelle.
“Lucas is genetisch verbonden aan Isabelle.”
Isabelle glimlachte.
“Eindelijk.”
Thomas keek haar woedend aan.
“Waarom wil je hem terug?”
“Omdat hij mijn toekomst is.”
“Hij is een baby.”
“Hij is meer dan dat.”
Thomas fronste.
“Wat bedoel je?”
Isabelle pakte een tweede document.
“Zijn DNA bevat iets wat geen van jullie kinderen heeft.”
Daan keek naar het papier.
Zijn gezicht veranderde.
“Dat kan niet.”
Thomas keek hem aan.
“Wat?”
Daan fluisterde:
“Het genetische patroon.”
“Welk patroon?”
“De marker die onze vader jarenlang probeerde te creëren.”
Thomas voelde een koude rilling.
“Dus Lucas…”
“Is het resultaat van het onderzoek.”
Isabelle knikte.
“Hij is precies waarvoor onze vaders jarenlang hebben gewerkt.”
Sophie schudde haar hoofd.
“Daarom wilde ik hem beschermen.”
Thomas keek naar Lucas.
“Wat maakt hem zo bijzonder?”
Isabelle antwoordde:
“Zijn DNA.”
“Dat zegt niets.”
“Het zegt alles.”
Ze keek naar Daan.
“Jullie vader heeft miljoenen betaald voor dat onderzoek.”
Daan zei:
“En Victor wilde het vernietigen.”
Thomas keek naar Sophie.
“Daarom werd hij vermoord.”
Sophie knikte langzaam.
“Ja.”
Thomas voelde zijn hart bonzen.
“Wie heeft hem vermoord?”
Niemand antwoordde.
Toen ging de deur plotseling open.
Een verpleegkundige kwam binnen.
“Meneer De Vries?”
Thomas draaide zich om.
“Ja?”
“Er is een probleem.”
“Wat voor probleem?”
De verpleegkundige keek naar de wieg.
“De baby die daar lag…”
Thomas keek naar Lucas.
Zijn adem stokte.
De wieg was leeg.
“Waar is hij?”
De verpleegkundige werd bleek.
“Ik weet het niet.”
Sophie schreeuwde:
“LUCAS!”
Iedereen begon door elkaar te roepen.
Daan rende de gang in.
Thomas greep zijn telefoon.
“Sluit alle deuren!”
Maar Isabelle stond stil.
Veel te rustig.
Thomas keek haar aan.
“Waar is mijn kind?”
Isabelle keek hem recht aan.
“Jouw kind?”
Thomas liep op haar af.
“Waar is Lucas?”
Isabelle glimlachte.
“Hij is niet meer hier.”
“Waar is hij?”
“Bij iemand die hem al veel langer heeft opgeëist.”
Thomas voelde zijn hart stoppen.
“Wie?”
Isabelle keek naar de deur.
En zei:
“Je vader.”
* * *
13.48 UUR
Thomas rende naar de uitgang.
Maar voordat hij de gang bereikte, ging zijn telefoon.
Een onbekend nummer.
Hij nam op.
“Hallo?”
Een oude stem antwoordde.
“Thomas.”
Zijn vader.
“Waar is Lucas?”
“Op een veilige plek.”
“Breng hem terug!”
“Dat kan ik niet.”
“Hij is mijn zoon!”
Een korte stilte.
Toen zei zijn vader:
“Je begrijpt het nog steeds niet.”
Thomas balde zijn vuisten.
“Wat wil je?”
“De waarheid.”
“Welke waarheid?”
Zijn vader antwoordde:
“Lucas is niet gestolen.”
Thomas zweeg.
“Hij is meegenomen.”
“Door wie?”
“Door zijn echte vader.”
Thomas voelde zijn hart bonzen.
“Maar Isabelle zei…”
“Isabelle liegt.”
Thomas keek naar haar.
Isabelle stond aan het einde van de gang.
Ze glimlachte.
Zijn vader vervolgde:
“En Sophie heeft je nooit verteld wat er werkelijk gebeurde op de dag dat Lucas werd verwekt.”
Thomas’ stem trilde.
“Wie is zijn vader?”
Een lange stilte.
Toen hoorde Thomas slechts vijf woorden:
“De man die jij Daan noemt.”
Thomas keek naar zijn broer.
Daan stond achter hem.
Hij had alles gehoord.
En Daan was lijkbleek.
Thomas fluisterde:
“Daan…”
Zijn broer keek hem aan.
Toen zei Daan:
“Hij liegt.”
Maar op dat moment kwam er een bericht binnen op Thomas’ telefoon.
Een foto.
Lucas lag in een onbekende kamer.
Naast hem stond een man.
Thomas zoomde in.
Zijn gezicht werd wit.
De man op de foto…
was Victor van Dijk.
Sophie’s vader.
De man die volgens iedereen al zes jaar dood was.
En onder de foto stond:
“Kom alleen. Als je iemand meeneemt, sterft Lucas.”
Thomas keek naar Sophie.
Zij had de foto ook gezien.
Ze begon te huilen.
“Thomas…”
“Wat?”
Sophie fluisterde:
“Victor is niet de enige dode die nog leeft.”
Thomas keek haar aan.
“Wie nog?”
Sophie wees langzaam naar Daan.
“Zijn vader.”
Daan verstijfde.
En toen begreep Thomas eindelijk waarom iedereen hem al die jaren had voorgelogen.
Niet om hem te beschermen.
Maar omdat…
hij zelf de laatste persoon was die nog niet wist wie hij werkelijk was.
WORDT VERVOLGD…






