Deel 11: Zuurstofgebrek
Het stille gezoem van het ventilatiesysteem in de kluis stopte abrupt. De digitale teller op het interne controlepaneel begon onbarmhartig af te tellen: 14:59... 14:58... 14:57...
Ik stond alleen in de strak verlichte, roestvrijstalen ruimte. De geur van koude metaal en steriele lucht vulde mijn longen. In mijn armen klemde ik de zware glazen capsule met de glimmende roze vloeistof – het onomstotelijke bewijs dat mijn vader niet per ongeluk was omgekomen, maar geofferd voor de winsten van Vanguard Industries.
"Denk na, Evelyn, denk na," fluisterde ik tegen mezelf. Mijn stem klonk vreemd hol in de afgesloten ruimte.
Ik liep naar de zware stalen deur en sloeg er met mijn vuisten tegenaan. "Hallo?! Is er iemand?!"
Niets. Geen enkel geluid drong door de dertig centimeter dikke gewapende stalen wanden. Julian zat aan de andere kant, opgesloten in de met stikstof gevulde gang, of hij was al gevlucht. En zelfs als hij er nog stond, zou hij de kluis nooit openmaken; hij wilde mijn dood immers net zo graag als Sterling.
Ik bekeek de kluis grondig. De ruimte was niet groter dan vier bij vier meter. Er stonden enkel roestvrijstalen stellingen met lege stalen houders, een klein bureau met een uitgeschakelde terminal, en de standaard waar de capsule op had gestaan.
Ik liep naar de terminal en drukte op de knoppen. Het scherm bleef zwart. De stroom naar de interne apparatuur was doorgesneden op het moment dat de veiligheidsvergrendeling in werking trad.
12:30... 12:29... 11:28...
Mijn ademhaling werd sneller. En dat was het domste wat ik kon doen. Hoe sneller ik ademde, hoe sneller de beperkte hoeveelheid zuurstof in de ruimte zou opraken. Mijn borstkas begon al strak aan te voelen, niet alleen door de opkomende verstikking, maar door de pure paniek die mijn lichaam overnam.
Ik liet me op de koude vloer zakken en leunde met mijn rug tegen de stalen deur. Ik legde de capsule voorzichtig naast me neer.
Was dit het dan? Was dit hoe het zou eindigen? Zou ik hier beneden stikken, in dezelfde duistere diepten van Vanguard Industries waar mijn vader drie jaar geleden zijn laatste adem uitblies?
Mijn gedachten gingen naar mijn moeder, die alleen thuis zat te wachten, onwetend van wat er zich afspeelde. Ik dacht aan Maya, die hopelijk veilig op weg was naar het platteland. En ik dacht aan Claire, die door de beveiliging van het gala was afgevoerd.
08:15... 08:14... 08:13...
Mijn zicht begon troebel te worden. Een lichte tinteling verspreidde zich via mijn vingertoppen naar mijn armen. Het klassieke symptoom van zuurstofgebrek. Mijn hoofd voelde zwaar aan,alsof er een enorme druk op mijn slapen werd uitgeoefend.
Toen viel mijn oog op het kleine ventilatierooster hoog aan de achterwand van de kluis.
Het rooster was klein – niet groter dan een volwassen hand – maar ik zag dat er achter het metaal een dunne stroom witte rook voorbij trok. De stikstofmist uit de gang buiten!
Het ventilatiesysteem zuigt de lucht uit de kluis weg via die buis, maar het systeem was verbonden met het centrale kanaal van het laboratorium!
Als ik dat kanaal kon blokkeren of manipuleren, kon ik misschien het vacuümproces verstoren!
Ik sprong overeind, hoewel een vlaag van duizeligheid me bijna weer deed vallen. Ik pakte de roestvrijstalen standaard waarop de capsule had gestaan. Het ding was zwaar en had scherpe metalen pootjes.
Met al de kracht die ik nog in mijn lichaam had, klom ik op het bureau en sloeg met de stalen poot van de standaard tegen het ventilatierooster.
KNAL!
Het roosters kletterde los en viel op de grond. Achter het rooster zat een smalle, aluminium buis.
04:00... 03:59... 03:58...
Mijn longen schreeuwden om lucht. Ik begon te naar adem te snakken. Mijn knieën trilden hevig. Ik had nog hooguit twee minuten voordat ik bewusteloos zou raken.
Ik keek naar het schort dat ik droeg – het serveerstersuniform van het restaurant. Ik trok het schort met een krachtige ruk van mijn lijf, propte het stevig op elkaar tot een harde bal van stof, en duwde het zo diep mogelijk in de aluminium ventilatiebuis.
Vervolgens pakte ik de zware metalen standaard en ramde die diep in de buis om het stof vast te wiggen.
Het effect was vrijwel onmiddellijk.
Doordat de afzuigleiding plotseling volledig geblokkeerd werd, kon de vacuumpomp de lucht niet langer uit de kluis zuigen. De druk in de dunne aluminium leiding bouwde zich binnen enkele seconden gigantisch op.
BANG!
Een luide knal weerklonk boven het plafond. De aluminium leiding scheurde door de overdruk open vlak boven de kluis. En via de scheur stroomde er plotseling een verse, ijskoude luchtstroom uit het centrale airconditioningsysteem van het gebouw de kluis binnen!
Ik viel van het bureau op de vloer en zoog de verse lucht met diepe, wanhopige teugen naar binnen.
De zuurstof stroomde weer door mijn bloed. Mijn hoofd werd helderder, de tinteling in mijn vingers verdween.
Het aftelmechanisme op de deur piepte hevig: FOUT IN AFZUIGSYSTEEM. NOODDRUK ONTLAST.
Het stalen nachtslot van de zware kluisdeur klikte met een doffe mechanische klap open.
De kluisdeur zwaaide langzaam een paar centimeter naar buiten.
Ik pakte de glazen capsule van de vloer, stak de zilveren USB-stick weer in mijn zak en duwde de deur voorzichtig verder open.
De gang buiten was leeg. De stikstofmist was grotendeels opgetrokken door de noodventilatoren. Julian lag niet meer op de vloer; hij was gevlucht toen de alarmen bleven afgaan.
Maar net toen ik de lift uit wou rennen om naar de bovenste verdieping te vluchten, hoorde ik het geluid van de liftdeuren die op de verdieping boven me opengingen.
Een groep van minstens vier gewapende beveiligers, geleid door Victoria Sterling zelf, stapte uit de reservelift aan de andere kant van het laboratorium.
Sterling zag me staan met de capsule in mijn armen. Haar gezicht veranderde in een storm van pure woede.
"Schiet haar niet neer!" schreeuwde Sterling tegen haar mannen. "Als die capsule breekt, zijn we allemaal binnen dertig seconden dood! Pak haar levend!"
De vier mannen stormden op me af.






