Deel 2: De Schok in het Kantoor
De realiteit van wat er op het mahoniehouten bureau lag, drong slechts langzaam tot mij door. Mijn ogen gleden keer op keer over de letters van mijn eigen voornaam en achternaam, gedrukt in strakke, officiële typografie onder het kopje 'Hoofdelijke Aansprakelijkheid en Financiële Borgstelling'. Hoe was dit in vredesnaam mogelijk? Ik had nooit ergens voor getekend, laat staan voor een miljoenenlening ten behoeve van Gavin zijn megalomane vastgoedprojecten en zijn luxueuze levensstijl met Sophia.
De gedachte liet mijn hart in mijn keel kloppen. Arthur. De oude man in de rolstoel, die op die fatale zaterdagavond zo kalm en ongenaakbaar was gebleven in die balzaal vol ijverige en arrogante schijnheiligen, moest hier alles mee te maken hebben. Hij was niet zomaar een willekeurige passant op de Meir geweest. Zijn stilte was geen teken van zwakte of ouderdom geweest, maar van totale controle over het financiële imperium waarvan Gavin dacht dat hij de koning van was.
Plotseling hoorde ik voetstappen naderen in de gang. Het zware eikenhout van de kantoorluiken trilde lichtjes toen de deurklink werd bewogen. Paniek sloeg toe; als Gavin mij hier zou aantreffen, zou hij de beveiliging inschakelen en mij opnieuw proberen te vernederen. Ik greep instinctief het dossier vast, scheurde in een flits de pagina los waarop mijn naam stond als garantsteller, en verstopte deze in de binnenzak van mijn jas. Net op tijd liet ik het dossier dichtvallen en gleed ik geruisloos door de halfopenstaande deur naar de personeelslounge, terwijl Gavin het kantoor binnenstapte in het gezelschap van een aantal nerveuze bankmedewerkers.






