Mein Mann ohrfeigte mich am Altar an unserem Hochzeitstag
News Story

Mein Mann ohrfeigte mich am Altar an unserem Hochzeitstag

0 Aufrufe

Deel 11: De Oorlog om de Schaduwen

De brief van Victor Sterling lag als een ijzig gewicht op het glazen bureau in mijn kantoor. De dreiging was niet verdwenen met de arrestatie van Celeste en Adrian; ze was simpelweg overgegaan naar een veel gevaarlijkere speler. Victor zat achter de tralies, of dat dacht de buitenwereld tenminste, maar zijn imperium van schaduwfinanciën en internationale connecties reikte veel verder dan een Nederlandse cel.

Binnen achtenveertig uur na de ontvangst van de brief begonnen de digitale aanvallen op de servers van de Halcyon-groep. Al onze hotels in Londen, Parijs en Zürich verloren plotseling de controle over hun reserveringssystemen. Gasten stonden in rijen van honderden voor de deuren omdat de digitale sleutels en betaalnetwerken waren geblokkeerd. De aandelenkoers, die zich net had hersteld na het schandaal rond Adrian, kreeg opnieuw een verpletterende klap.

Marcus stormde het kantoor binnen, zijn gezicht lijkbleek. „Mevrouw, we worden aangevallen! Het is een gecoördineerde ransomware-aanval op al onze Europese servers. De hackers eisen twintig miljoen euro in cryptovaluta binnen zes uur, anders wissen ze alle gastgegevens en financiële reserves.”

Ik stond op uit mijn stoel, mijn blik strak gericht op de stad die buiten in de schemering lag. „Het is geen willekeurige hacker, Marcus. Dit is Victor. Hij laat zien dat hij zelfs vanuit de gevangenis de touwtjes in handen heeft.”

„Wat gaan we doen?” vroeg Marcus, die voor het eerst in al die jaren een zweem van paniek in zijn stem liet doorklinken. „Als we niet betalen, ligt het hele concern binnen een dag op zijn gat. De raad van bestuur eist dat we ingrijpen.”

„De raad van bestuur kan wachten,” zei ik met een ijskoude kalmte. „Haal onze hoofdtechnicus erbij. Niet via het netwerk van het kantoor, maar via een beveiligde, analoge lijn. Als Victor denkt dat hij mij kan channelleren met een paar regels code, heeft hij geen idee met wie hij te maken heeft.”

We hadden nog exact vijf uur voordat de deadline zou verlopen. Buiten begon het te stormen, de wind huilde langs de glazen gevels van de toren. Ik pakte mijn telefoon, opende een versleutelde chat en stuurde slechts één zin naar een oude contactpersoon van mijn vader in Zwitserland: „De vos zit in de val. Tijd om het bos in brand te steken.”