De weken verstreken en wat aanvankelijk een eenmalige, wonderlijke gebeurtenis leek, begon langzaam een vaste traditie te worden. Elke zaterdagmiddag om precies drie uur klopte de kleine Sophie op de zware deur van het landgoed Moretti. Haar moeder Anna bleef telkens in de keuken achter om te helpen met de voorbereidingen voor de avondmaaltijden, terwijl Sophie met haar roze ukelele en speelgoedmicrofoon naar de bibliotheek liep.
Dante Moretti had de indeling van zijn weekenden rigoureus aangepast. Waar hij voorheen de zaterdagmiddagen besteedde aan het doornemen van financiële rapporten en het controleren van schimmige contracten, lag zijn bureau nu leeg op een enkele kop thee na. De strenge man die door vriend en vijand werd gefreesd, zat nu geduldig te luisteren naar verhalen over magische katten, verdwaalde eendjes en de dagelijkse avonturen van een vijfjarig meisje.
De bewakers en medewerkers van het landgoed keken aanvankelijk hun ogen uit. Luca, de rechterhand van Dante, hield de situatie nauwlettend in de gaten. Hij vreesde dat de aanwezigheid van het kind de aandacht zou vestigen op de kwetsbare plekken van de organisatie, of erger nog, dat Dante zijn legendarische koelbloedigheid zou verliezen. Maar naarmate de weken vorderden, zag Luca iets merkwaardigs gebeuren. De constante spanning die op het landgoed hing, leek langzaam te verdwijnen. De bewakers hoorden geen woedeuitbarstingen meer uit de studeerkamer komen, en zelfs de antieke staande klok leek minder dreigend te tikken.
Tijdens deze bezoeken begon Sophie niet alleen te zingen, maar stelde ze ook vragen. Vragen die niemand anders in dit huis ooit durfde te stellen. Waarom hingen er geen familiefoto's in de gang? Waarom stond er geen piano in de grote salon? Waarom keek oom Dante altijd zo alsof hij door de regen liep zonder paraplu?
Dante wist zich aanvankelijk geen raad met die kinderlijke directheid. Hij was gewend aan mensen die zwegen wanneer hij aankeek, die voorzichtig hun woorden kozen of uit de weg gingen. Maar Sophie liet zich niet afschrikken door zijn donkere kleding of zijn zwijgzame aard. Ze klom op een dag op de armleuning van zijn stoel, wees naar de gouden manchetknopen op zijn overhemd en vroeg of hij ze van een piraat had gekregen.
Die zaterdag glimlachte Dante voor het eerst in het waarneembare verleden. Het was een schuwe glimlach, alsof zijn gezichtsspieren moesten wennen aan de beweging, maar het veranderde zijn hele uitstraling. Luca, die toevallig door de open deur naar binnen keek, hield zijn adem in. Hij besefte dat dit kleine meisje meer voor de familie Moretti had gedaan in een maand tijd dan een heel leger aan diplomaten in dertig jaar had kunnen bereiken.
---





