De spanning in de oude vuurtoren was om te snijden. Het ijzeren geluid van de wind die door de kapotte ramen loeide, werd overstemd door het geronk van de zee die honderden meters lager tegen de kliffen beukte. Arthur hield het vuurwapen strak op ons gericht, maar zijn hand trilde heel lichtjes – een teken dat zijn pantser van arrogantie begon te scheuren onder het gewicht van de naderende onvermijdelijkheid.
"Je gelooft toch zelf niet dat die stukjes papier jou gaan redden, Elena?" sprak Beatrice met een giftige kalmte. "Zonder ons ben je niets. Je bent een vondeling uit de goot die we uit genade hebben grootgebracht." Elena's ogen vlamden van woede, maar ze verloor haar hoofd niet. "Genade? Jullie hebben me mijn identiteit, mijn familie en mijn jeugd gestolen. En nu is het over."
In een fractie van een seconde van onoplettendheid – toen Arthur zijn blik heel even afwendde naar Beatrice om een instructie te geven – deed ik een stap naar voren. Mijn training als brandweerman had me geleerd om in crisissituaties snel en doelgericht te handelen. Met een krachtige duw stompte ik tegen Arthur's hand waarin hij het wapen vasthield. Het pistool vloog uit zijn grip en kletterde met een harde metaalgeluid op de stenen vloer.
Arthur vloekte luid en sprong naar voren om me bij de keel te grijpen. We rolden over de stoffige vloer, vechtend om elke centimeter. Arthur mocht dan ouder zijn, zijn woede gaf hem een onverwachte kracht. Hij drukte me tegen de rand van het open platform waar de balustrade was afgebroken door de tand des tijds. Beneden gaapte de diepte, recht naar de scherpe rotspartijen en de kolkende zee.
"Ik maak je af!" schreeuwde Arthur, terwijl zijn handen mijn luchtpijp dichtknepen. Mijn visie begon zwart te worden, maar net op dat moment hoorde ik Elena roepen. Ze had het wapen van de grond gepakt en richtte het op Beatrice, die haar probeerde tegen te houden. "Blijf staan, Beatrice! Beweeg niet of ik schiet!"
Arthur werd afgeleid door het geschreeuw, en in die kostbare seconde gebruikte ik al mijn resterende kracht om een harde trap in zijn middel te geven. Hij verloor zijn evenwicht, struikelde over een losse steen en viel achterover tegen de rand van het platform. Met een angstaanjagende gil greep hij naar de ijzeren rand, maar zijn vingers gleden weg op het ijs...






