DEEL 8
De vlammen buiten verlichtten de woonkamer met een oranje gloed.
Brandweersirenes kwamen snel dichterbij.
Agenten renden naar buiten terwijl de rechercheurs ons onmiddellijk naar een veilige kamer brachten.
Ik hield het piepkleine geheugenkaartje stevig tussen mijn vingers.
Iedereen wist inmiddels dat dit het belangrijkste bewijsstuk van de hele zaak was.
"Niemand raakt dit aan," zei de hoofdrechercheur.
De digitaal specialist schudde zijn hoofd.
"Nee."
"We moeten eerst controleren of het beveiligd is."
Eduard knikte instemmend.
"Als David het netwerk heeft gebouwd dat ik vermoed, is de kans groot dat het kaartje is voorzien van een zogenoemde 'dead man's trigger'."
"Wat betekent dat?"
"Als je het verkeerd opent, worden alle bestanden automatisch gewist."
Een ijzige stilte volgde.
Na enkele minuten arriveerde een gespecialiseerd digitaal onderzoeksteam.
De leider stelde zich kort voor.
Hij pakte het geheugenkaartje voorzichtig op met handschoenen en plaatste het in een speciale lezer die niet met internet was verbonden.
Iedereen keek gespannen toe.
Het scherm bleef enkele seconden zwart.
Toen verscheen langzaam een lijst met mappen.
DOSSIER A
DOSSIER B
DOSSIER C
En helemaal onderaan...
ORPHEUS
Eduard werd op slag bleek.
"Nee..."
Ik keek hem aan.
"Wat is Orpheus?"
Hij antwoordde niet direct.
Zijn blik bleef op het scherm rusten.
"Dat was een codenaam."
"Van wie?"
"Van het eerste project."
"Het project waarmee deze organisatie begon."
De digitaal specialist opende de map.
Binnen enkele seconden verschenen honderden documenten.
Paspoorten.
Contracten.
Bankrekeningen.
Foto's.
En daarna...
een lijst.
Een lange lijst.
Naast iedere naam stond één woord.
Status.
Groen.
Geel.
Rood.
Ik voelde mijn adem stokken.
"Wat betekent rood?"
Niemand antwoordde.
Tot de specialist een dossier opende.
Bovenaan stond de foto van een bekende ondernemer uit Rotterdam.
Daaronder:
Status: Rood.
Overleden bij auto-ongeluk.
Nog een dossier.
Een vrouwelijke investeerder.
Status: Rood.
Overleden door woningbrand.
Nog één.
Een vastgoedontwikkelaar.
Status: Rood.
Hartstilstand tijdens zakenreis.
Mijn handen begonnen te trillen.
"Dat zijn geen ongelukken..."
Eduard keek langzaam op.
"Nee."
"Dat zijn opdrachten."
De hoofdrechercheur belde onmiddellijk met zijn commandant.
"Wij schalen deze zaak per direct op."
"Dit overstijgt regionale bevoegdheden."
Ondertussen bladerde de specialist verder.
Plotseling stopte hij.
Zijn gezicht verloor alle kleur.
"Chef..."
"Wat nu weer?"
Hij draaide het scherm langzaam om.
Mijn eigen pasfoto verscheen.
Boven mijn naam stond:
Lucas van Dijk.
Daaronder:
Status: Geel.
Actie uitgesteld.
Ik voelde Sophie mijn hand vastpakken.
De specialist klikte verder.
Een tweede dossier verscheen.
Sophie van Dijk.
Status: Rood.
Uitvoering gepland binnen 48 uur.
Niemand zei nog iets.
Alleen het zachte gezoem van de computer was hoorbaar.
De hoofdrechercheur keek mij strak aan.
"Vanaf dit moment worden jullie ondergebracht op een geheime locatie."
Ik wilde protesteren.
Maar Eduard legde een hand op mijn schouder.
"Luister naar hem."
"Ze weten inmiddels dat het kaartje is gevonden."
"En geloof me..."
"...ze zullen alles doen om het terug te krijgen."
Op dat moment klonk een pieptoon uit de computer.
De digitaal specialist fronste.
"Er wordt automatisch een video gestart."
Op het scherm verscheen David.
Niet op de vlucht.
Niet in paniek.
Hij zat ontspannen achter een bureau.
Alsof hij wist dat wij deze opname ooit zouden bekijken.
Hij glimlachte recht in de camera.
"Lucas..."
"Als je dit ziet, betekent het dat je verder bent gekomen dan ik had verwacht."
Hij nam een slok koffie.
"Waarschijnlijk vertrouw je inmiddels niemand meer."
"Dat is verstandig."
Hij glimlachte opnieuw.
"Maar je maakt één grote fout."
Hij schoof een foto naar voren.
Toen ik zag wie erop stond, leek de grond onder mijn voeten te verdwijnen.
Het was mijn vader.
De man die volgens iedereen vijftien jaar geleden aan een hartaanval was overleden.
David keek recht in de camera.
En zei kalm:
"Je vader heeft deze organisatie niet geprobeerd te stoppen..."
"...hij was degene die haar heeft opgericht."
Het scherm werd zwart.
En niemand in de kamer wist nog wat waarheid was... en wat al die jaren één grote leugen was.






