HIJ TROUWDE MET MIJ OM ZIJN LAATSTE DAGEN TE BESCHERMEN
News Story

HIJ TROUWDE MET MIJ OM ZIJN LAATSTE DAGEN TE BESCHERMEN

0 weergaven

DEEL 9: DE POLITIE OMSINGELT HET LANDHUIS

Het geluid van sirenes snakte door de dikke muren van het landhuis als een noodklok uit een andere wereld. De lichten van de politieauto's flitsten fel door de hoge gotische ramen en wierpen rode en blauwe schaduwen over de stoffige muren van de studeerkamer. Richard draaide zich abrupt om, zijn gezicht vertrokken van paniek. De arrogantie was in één klap verdwenen; hij keek naar de deur en toen naar de twee ingehuurde bewakers, die elkaar onzeker aankondigden.

“Wat is dit voor een grap?” schreeuwde Richard, terwijl hij naar Meester van der Linden keek. “Heb jij de politie gebeld?”

De advocaat, die inmiddels weer overeind was gekrabbeld en zijn das rechtzette, keek hem koud aan. “Ik hoef de politie niet te bellen, mijn heer. Ik heb een geautomatiseerd alarmsysteem ingesteld dat automatisch inschakelt zodra er geweld of ongeautoriseerde inbraak wordt geregistreerd in een van de panden die onder mijn erfrechtbeheer vallen. En geloof me, dit landhuis staat al vanaf gisterochtend onder rechtelijke bescherming.”

Beneden hoorden we de dreunende stemmen van agenten die door de opengebroken voordeur naar binnen stormden. “Politie! Handen in de lucht! Iedereen blijven staan waar hij is!”

De twee bewakers in de zwarte pakken keken elkaar aan, lieten direct hun handen zakken en deden instinctief een stap naar achteren. Ze hadden geen zin om hun carrière of vrijheid op het spel te zetten voor de hebzucht van Richard. Toen de zware voetstappen op de trap steeds dichterbij kwamen, wierp Richard mij nog één blik toe — een blik vol pure, giftige haat die ik nooit zou vergeten — voordat hij zich omdraaide in een vergeefse poging om naar het achterste balkon te vluchten.

Maar het was te laat. Twee agenten in kogelwerende vesten stormden de studeerkamer binnen, hun hand vuurvast op de holster, en drukten Richard onmiddellijk tegen de muur. De handboeien klapten met een scherp metalen geluid dicht om zijn polsen.

“Richard van de Velde, u wordt aangehouden op verdacht van illegale inbraak, bedreiging en poging tot afpersing,” klonk de stem van de hoofdagent krachtig door de kamer.

Terwijl Richard krijsend en tierend werd afgevoerd, terwijl hij roepend dat zijn advocaten ons zouden vernietigen, zakte Julian langzaam door zijn knieën op de oude houten vloer. Ik rende naar hem toe en ving hem op in mijn armen. Zijn ademhaling was zwak, zijn borstkas bewoog zich met grote moeite op en neer.

“Julian! Julian, kijk mij aan!” riep ik, terwijl de tranen over mijn wangen stroomden.

Hij opende zijn ogen met oneindige moeite en glimlachte zwak. “Het is goed, Martha... Harrison heeft zijn werk gedaan. En ik... ik heb je teruggevonden.”

De agenten en Meester van der Linden stonden eromheen, terwijl de ambulancebroeders met spoed naar boven werden geroepen. Maar op dat moment leek de tijd stil te staan. Ik hield de man vast van wie ik dacht dat ik hem voor eeuwig kwijt was, in het huis dat gebouwd was op geheimen, leugens en een liefde die sterker bleek te zijn dan de dood.