De deur van de politiewagen gleed open en een oudere man met een warme, maar diep gegroefde blik stapte naar buiten. Ik herkende hem onmiddellijk. Het was meneer Van der Linden, de eigenaar van de oude muziekwinkel "De Notenlezer" in het hartje van de stad. Die winkel zat al tientallen jaren op dezelfde plek en stond bekend om zijn antieke instrumenten en strenge regels. Maar wat deed hij hier? En waarom was de politie bij hem betrokken?
Meneer Van der Linden liep met trage stappen naar ons toe. Zijn ogen gleden van mij naar Alejandro, die zijn blik nog steeds angstvallig verborgen hield achter zijn pony. Toen glimlachte de oude man plotseling. Het was een zachte, warme glimlach die alle spanning in de lucht leek te breken, hoewel mijn hart nog steeds in overdrive werkte.
‘Goede morgen, mevrouw,’ zei meneer Van der Linden met een diepe, kalme stem. ‘Ik neem aan dat u zich vreselijk ongerust maakt. En agent Visser en zijn collega zijn hier puur op mijn verzoek. Niet om Alejandro te straffen... maar omdat hij iets heeft gedaan dat zo buitengewoon en moedig is, dat heel de stad erover praat.’
Ik haalde opgelucht adem, maar de verwarring bleef knagen. ‘Een moedige daad? Maar waarom staat de politie dan voor onze deur? Waarom werd dit niet gisteravond al opgelost?’
Meneer Van der Linden keek naar agent Visser, die knikte en het woord overnam. ‘Kijk, mevrouw, toen uw zoon gistermiddag de winkel binnenkwam met die prachtige, dure gitaar, wilde ik hem in eerste instantie weigeren. Ik kende dat instrument. Het was een uniek stuk, en ik wist dat een jongen van dertien zoiets niet zomaar verkoopt tenzij er een noodgeval is. Alejandro vertelde me het hele verhaal over Elena. Over hoe ze werd uitgelachen op school, hoe haar rolstoel uit elkaar viel, en dat hij per se direct geld nodig had om een geavanceerde, lichtgewicht rolstoel te bestellen bij de medische speciaalzaak.’
De agent pauzeerde even, en zijn ogen glansden in het vroege ochtendlicht. ‘Maar dat is het punt niet, mevrouw. Toen Alejandro te horen kreeg dat de rolstoel die Elena echt nodig had, drie keer zo duur was als de opbrengst van zijn gitaar, weigerde hij op te geven. En toen gebeurde er iets waar de hele stad sindsdien van onder de indruk is geraakt.’
Mijn adem stokte in mijn keel. Drie keer zo duur? Hoe kon Alejandro dat gat in de begroting hebben gedicht? Mijn zoon had geen spaargeld, geen rijke ooms, niets behalve die gitaar. Wat had hij in vredesnaam nog meer gedaan om aan dat geld te komen? De stilte op straat leek wel eeuwig te duren terwijl meneer Van der Linden zijn hand op de schouder van mijn zoon legde en de diepere waarheid begon te onthullen...






