Deel 3: De terugkeer van de 'zakenreiziger'
Die avond lag ik wakker in het donker, starend naar het plafond van onze slaapkamer. De ruimte die ooit zo veilig en vertrouwd had aangevoeld, leek nu een vreemde cel. Om drie uur 's nachts hoorde ik zachte voetstappen in de gang. Het geritsel van een kofferwieltje over het parket. De vertrouwde geur van zijn eau de toilette vermengd met de muffe lucht van een trans-Atlantische vlucht drong de slaapkamer binnen.
De deur knarste open. Daniel trad binnen, gehuld in zijn donkerblauwe reisjack — exact hetzelfde jasje als op de foto van het vliegveld. Hij liep op me af en boog zich over het bed om me een kus op mijn wang te geven, net alsof hij inderdaad net twaalf uur had gevlogen vanuit Azië. Zijn huid voelde lauw aan.
"Slaap je al, schat?" fluisterde hij met die warme, ietwat hese stem die me ooit zo had betoverd. "Het was een helse vlucht. Singapore is moordend druk. Ik ben zo blij dat ik weer thuis ben."
Elke vezel in mijn lichaam schreeuwde om overeind te springen en hem zijn eigen leugens in het gezicht te smijten. Maar ik dwong mezelf om stil te blijven liggen, mijn ademhaling traag en gelijkmatig te houden alsof ik net uit een diepe slaap ontwaakte.
"Welkom thuis..." mompelde ik slaperig, en ik draaide me om alsof ik weer wegzakte.
Hij slaakte een zucht van verlichting, kleedde zich geruisloos uit en schoof even later naast me in bed. Binnen enkele minuten hoorde ik zijn ademhaling dieper worden. Hij was moe van de reis, of misschien wel moe van het liegen. Op zijn nachtkastje lag zijn telefoon. Het scherm lichtte even op toen er een stil bericht binnenkwam. Ik gluurde door mijn oogharen. Een kleine melding verscheen bovenaan het scherm: 'Was het een goede vlucht, lieverd? X Vanessa.'
Mijn hand trilde onder de dekens. Het bewijs lag daar, op nog geen meter afstand van mijn kussen. Maar ik wist dat dit niet het moment was om toe te slaan. Lydia had me gewaarschuwd: “Een vos vang je niet met open vizier, Emma. Je laat hem geloven dat hij gewonnen heeft tot het moment dat de kooi dichtklapt.”
De volgende ochtend scheen de zon fel door de luxaflex in onze keuken. Daniel zat aan de eentje aan de ontbijttafel, gekleed in een strak overhemd, druk typend op zijn laptop terwijl hij een slok nam van zijn zwarte koffie. Hij zag er fris uit, alsof er geen wolkje aan de lucht was.
"Je moeder belde gisteren," zei ik terwijl ik twee kommen op tafel zette. Ik hield mijn stem volkomen neutraal, bijna gespeeld nonchalant. "Ze vroeg of je nog genoten hebt van je pasta in Singapore."
Daniel bevroor voor een fractie van een seconde. Zijn vinger stopte met scrollen op het touchpad van zijn laptop. Maar zijn professionele training als leugenachtige opportunist nam het meteen over. Zonder op te kijken glimlachte hij en haalde zijn schouders op.
"Ah, ja... weet je, die lokale restaurants daar zijn overal hetzelfde. Maar ik ben blij dat ik weer hier ben. Vandaag heb ik een heleboel in te halen op kantoor, dus ik vrees dat ik laat thuis ben." Hij stond op, liep naar me toe en gaf me een snelle kus op mijn kruin. "Fijne dag, schat."
Zodra de voordeur achter hem in het slot viel, pakte ik mijn eigen tas en reed ik opnieuw naar het kantoor van Lydia. Ik moest haar vertellen over het bericht van Vanessa en over het feit dat Daniel die dag naar kantoor zou gaan.
"Dit is ons moment," zei Lydia toen ik haar het bericht van Vanessa liet zien dat ik gelukkig stiekem had overgetypt in mijn notities. "Daniel is op zijn werk, maar hij is zijn persoonlijke tablet en zijn oude iPad vergeten in de studeerkamer. En dankzij het feit dat hij zijn Apple-ID overal heeft gekoppeld, worden iMessages automatisch gesynchroniseerd met die iPad."
Mijn ogen werden groot. "Bedoel je dat..."
"Precies," zei Lydia met een triomfantelijke glimlach. "Al zijn chats met Vanessa staan daar gewoon op opgeslagen. Laten we die iPad ophalen voordat hij doorheeft dat hij hem mist."
* * *






