DEEL 4 — De Oude Werknemers
De volgende ochtend vroeg ik Thomas om alle werknemers van boven de zestig bij elkaar te roepen.
Hij keek verbaasd.
“Waarom?”
“Omdat ik iets wil weten.”
“Wat?”
“Wat er is veranderd sinds ik vertrok.”
We zaten met z'n vieren in een kleine kantine.
Kees.
Anja.
Piet.
En ik.
Allemaal oud genoeg om zich de tijd te herinneren waarin machines nog met de hand werden afgesteld.
“De nieuwe leiding heeft alles veranderd,” zei Anja.
“Wat precies?”
“De onderhoudsbeurten.”
Piet knikte.
“Vroeger deden we elke week een volledige controle.”
“En nu?”
“Eén keer per maand.”
Ik keek naar Thomas.
Hij noteerde alles.
“Waarom?”
“Kosten besparen.”
Kees lachte bitter.
“Ze hebben ons verteld dat ervaring niet meer nodig was.”
Thomas keek beschaamd.
Ik zei niets.
Want ik had die woorden zelf gehoord.
We besloten de oude onderhoudsboeken te zoeken.
Ze lagen achter in een opslagruimte.
Onder stof.
Toen ik het eerste boek opensloeg, herkende ik mijn eigen handschrift.
Ik bladerde verder.
Daar stond iets bijzonders.
Een waarschuwing.
NOOIT de automatische sluitmachine langer dan twintig minuten boven 1.200 blikken per uur laten draaien.
Ik keek naar Thomas.
“Hoe snel draaide de machine vorige week?”
Hij keek op zijn tablet.
“1.650.”
Ik sloot mijn ogen.
“Daarom.”
“Daarom wat?”
“De machine is niet ontworpen voor die snelheid.”
“Maar de fabrikant zegt—”
“De fabrikant verkoopt machines. Wij moesten ze jarenlang laten werken.”
Hij zweeg.
Toen hoorde ik voetstappen.
Daan stond in de deuropening.
Hij keek naar de oude boeken.
Toen naar mij.
“Wat doet zij hier?”
Thomas stond op.
“Zij helpt ons.”
Daan lachte.
“Ze is ontslagen.”
“Dat weet ik.”
“Dan hoort ze hier niet.”
Ik keek hem recht aan.
“Wie heeft mijn naam op die rapporten gezet?”
Zijn glimlach verdween.
“Waar heb je het over?”
“Mijn handtekening.”
“Dat weet ik niet.”
Ik liep naar hem toe.
“Dan vraag ik het nog één keer.”
Hij stapte achteruit.
“U hebt geen bewijs.”
“Dat klopt.”
Ik glimlachte.
“Maar jij hebt net iets interessants gezegd.”
“Wat?”
“Je zei dat ik ontslagen was.”
Ik keek naar Thomas.
“Terwijl alleen jij, Thomas en de personeelsafdeling wisten dat mijn contract officieel was beëindigd.”
Daan werd bleek.
Toen draaide hij zich om.
En rende weg.
* * *






