DEEL 3 — DE MAN ACHTER HET GRAF
Matteo bleef naar het zwarte scherm van zijn telefoon staren.
“Hallo, zoon.”
Die twee woorden bleven door zijn hoofd echoën.
Twaalf jaar lang had hij geloofd dat zijn vader dood was.
Twaalf jaar lang had hij zijn graf bezocht.
Twaalf jaar lang had hij gezworen de mensen te vernietigen die verantwoordelijk waren voor zijn dood.
En nu had zijn vader hem zelf toegesproken.
Elena keek hem voorzichtig aan.
“Matteo…”
“Geen woord.”
Hij liep naar het raam van de onderhoudsruimte.
Buiten regende het nog steeds.
De stad leek normaal.
Auto's reden voorbij.
Mensen liepen met paraplu's over straat.
Niemand wist dat er binnen enkele minuten een oorlog kon uitbreken.
Matteo draaide zich om.
“Hoe wist jij dat mijn vader leefde?”
Elena antwoordde niet meteen.
“Ik wist het niet.”
“Je zei dat je hem had gevonden.”
“Ik zei dat ik bewijs had gevonden.”
“Waar?”
“Op een rekening.”
Matteo trok zijn wenkbrauw op.
“Een rekening?”
“Een geheime rekening in Zwitserland. Op naam van iemand die twaalf jaar geleden officieel stierf.”
“Mijn vader.”
Elena knikte.
“Er werden nog steeds betalingen vanaf die rekening gedaan.”
“Hoeveel?”
“Maandelijks.”
“Door wie?”
“Door jouw moeder.”
Matteo's gezicht verstrakte.
“Mijn moeder is dood.”
“Ik weet het.”
“Ze stierf drie jaar geleden.”
“Ik weet het.”
“Dus hoe kon ze geld overmaken?”
Elena keek hem aan.
“Dat is precies het probleem.”
Matteo voelde een koude rilling langs zijn rug lopen.
“Wat bedoel je?”
“De laatste betaling werd twee weken geleden uitgevoerd.”
De stilte werd ondraaglijk.
Matteo dacht aan de begrafenis van zijn moeder.
Aan de gesloten kist.
Aan de honderden mensen die aanwezig waren.
Aan de bloemen.
Aan de priester.
Alles was echt geweest.
Of dat had hij gedacht.
“Wie is er begraven?”
Elena antwoordde zacht:
“Iemand die op haar leek.”
Matteo deed een stap achteruit.
Voor het eerst voelde hij niet alleen woede.
Hij voelde angst.
“Dus mijn vader leeft.”
“Ja.”
“Mijn moeder misschien ook.”
“Waarschijnlijk.”
“En Sophie werkt voor hen.”
Elena schudde haar hoofd.
“Nee.”
Matteo keek haar aan.
“Wat?”
“Sophie werkt niet voor hen.”
“Je zei dat zij opdracht gaf om jou te vermoorden.”
“Dat klopt.”
“Dan werkt ze voor hen.”
“Nee.”
Elena keek hem recht aan.
“Zij probeert juist te voorkomen dat jij ontdekt wie er werkelijk achter zit.”
Matteo zweeg.
“Waarom zou ze mij bijna laten vermoorden?”
“Omdat ze wist dat je haar nooit zou geloven.”
“Dat is geen antwoord.”
“Nee.”
Elena haalde diep adem.
“Dit is het antwoord.”
Ze pakte haar telefoon.
“Bekijk dit.”
Ze opende een video.
Matteo keek naar het scherm.
Sophie zat alleen in een auto.
Ze huilde.
“Als je dit ziet, Matteo, ben ik waarschijnlijk al dood.”
Matteo verstijfde.
Sophie keek rechtstreeks in de camera.
“Ik weet dat je denkt dat Elena je heeft verraden.”
Ze veegde een traan van haar wang.
“Dat is precies wat ze willen dat je denkt.”
Matteo keek naar Elena.
De video ging verder.
“Je vader heeft twaalf jaar geleden zijn dood in scène gezet omdat hij iets ontdekte.”
Sophie keek even naar de achterbank.
“Hij ontdekte dat iemand binnen jullie familie alle criminele netwerken langzaam onder één macht probeerde te brengen.”
Ze fluisterde:
“Niet voor geld.”
Een korte stilte.
“Voor controle.”
Matteo voelde zijn vingers verkillen.
Sophie vervolgde:
“Je vader probeerde hem tegen te houden.”
Toen keek ze recht in de camera.
“Daarom moest hij verdwijnen.”
De video stopte.
Matteo keek naar Elena.
“Wie?”
Elena antwoordde:
“Ik weet het niet.”
“Je liegt.”
“Nee.”
“Je weet meer.”
“Ik weet alleen dat je vader me vijf jaar geleden heeft benaderd.”
Matteo verstijfde.
“Vijf jaar geleden?”
Elena knikte.
“Hij gaf me één opdracht.”
“Welke?”
“Zorg dat Matteo nooit trouwt met Sophie Kensington.”
Matteo keek haar ongelovig aan.
“Waarom?”
“Omdat hij wist dat jouw huwelijk de laatste stap zou zijn.”
“Welke stap?”
Elena keek naar de USB-stick in zijn hand.
“De overdracht.”
“Van wat?”
“Van jouw imperium.”
Matteo begreep het nog steeds niet.
Elena ging verder.
“Na je huwelijk zouden alle bedrijven, havens, rekeningen en contacten onder één juridische structuur worden samengebracht.”
“Dat weet ik.”
“En weet je wie de uiteindelijke begunstigde is?”
Matteo zweeg.
Elena fluisterde:
“Je vader.”
Matteo voelde zijn hartslag versnellen.
“Dat kan niet.”
“Je zou na je huwelijk denken dat jij de eigenaar bent.”
Ze keek hem ernstig aan.
“Maar volgens de verborgen documenten zou je slechts de beheerder zijn.”
Matteo keek naar zijn handen.
Hij herinnerde zich plotseling iets.
Een gesprek met Sophie.
Een week geleden.
Ze had hem gevraagd waarom hij nooit de huwelijkse voorwaarden volledig had gelezen.
Hij had gelachen.
Hij vertrouwde haar.
Dat was zijn fout geweest.
Of misschien had hij juist verkeerd begrepen wat ze probeerde te doen.
“Waar is Sophie?”
“Ik weet het niet.”
“Waar was ze toen jij werd aangevallen?”
“Dat weet niemand.”
Matteo pakte zijn jas.
“We gaan naar de haven.”
Elena schudde haar hoofd.
“Je vader zei dat je alleen moest komen.”
“Ik luister niet naar mijn vader.”
“Dat zou je deze keer misschien wel moeten doen.”
Matteo keek haar aan.
“Waarom?”
“Omdat hij je naar de haven wil lokken.”
“En?”
“Elke persoon die daar ooit naar binnen ging…”
Ze slikte.
“…verdween.”
Matteo keek naar de USB-stick.
“Dan nemen we een andere ingang.”
“Welke?”
“Die niemand kent.”
Elena keek hem verbaasd aan.
“Bestaat die?”
Matteo glimlachte voor het eerst.
“Mijn vader heeft mij geleerd hoe je uit een gevangenis ontsnapt.”
Hij liep naar de deur.
“Als hij werkelijk mijn vader is…”
Hij stopte.
“…dan heeft hij één ding vergeten.”
“Wat?”
“Dat ik inmiddels beter ben geworden dan hij.”
* * *
Een uur later stond Matteo voor de oude haven.
Loods Elena-17 lag volledig in het donker.
Geen beveiliging.
Geen auto's.
Geen bewakers.
Te stil.
Matteo keek naar de verlaten kade.
“Blijf in de auto.”
Elena schudde haar hoofd.
“Ik ga mee.”
“Je bent gewond.”
“En jij bent doelwit.”
Matteo keek haar enkele seconden aan.
Toen knikte hij.
Ze liepen samen naar de loods.
De metalen deur stond open.
Binnen brandde één lamp.
Onder de lamp stond een stoel.
Op de stoel lag een envelop.
Matteo pakte hem op.
Er stond slechts één woord op:
ZOON.
Hij opende de envelop.
Een foto viel op de grond.
Matteo bukte zich.
Op de foto stond hijzelf.
Vijftien jaar oud.
Naast hem stond zijn vader.
Maar op de achtergrond stond nog iemand.
Een man die Matteo onmiddellijk herkende.
Zijn oom.
De broer van zijn vader.
Matteo's adem stokte.
Elena keek over zijn schouder.
“Wie is dat?”
Matteo antwoordde niet.
Want onderaan de foto stond een datum.
Drie dagen vóór de officiële moord op zijn vader.
En op de achterkant stond een handgeschreven zin:
HIJ WAS ER TOEN IK MIJN DOOD IN SCÈNE ZETTE.
Plotseling ging het licht uit.
Elena greep Matteo's arm.
Een stem klonk vanuit de duisternis.
“Je bent eindelijk gekomen.”
Matteo draaide zich om.
Een silhouet verscheen achter hen.
Hij hief zijn pistool.
“Laat jezelf zien.”
De man stapte langzaam in het licht.
Matteo's vinger verstijfde op de trekker.
Het was zijn vader.
Maar achter hem stonden twee gewapende mannen.
En tussen hen in stond Sophie.
Haar handen waren geboeid.
Ze keek Matteo aan en schudde wanhopig haar hoofd.
“Niet schieten.”
Matteo richtte zijn wapen op zijn vader.
Zijn vader glimlachte.
“Je hebt eindelijk geleerd om niemand te vertrouwen.”
Toen keek hij naar Elena.
“Maar je hebt één fout gemaakt.”
Elena werd bleek.
“Welke?”
De oude man wees naar haar.
“Je hebt hem nooit verteld waarom jij mij al vijf jaar helpt.”
Matteo keek Elena aan.
“Wat bedoelt hij?”
Elena's ogen vulden zich met tranen.
Ze fluisterde:
“Omdat ik je zus ben.”
Matteo liet zijn pistool langzaam zakken.
De wereld leek stil te vallen.
Zijn vader glimlachte.
“Welkom thuis, Matteo.”






