De Vrouw met de Twee Gezichten
News Story

De Vrouw met de Twee Gezichten

26 weergaven

"Stap in, of we gaan eraan!" schreeuwde Elena opnieuw. Haar stem was hees, doordrenkt van een pure, panische angst die ik niet van haar kende.

Zonder na te denken — gedreven door de blik op het bloedende gezicht van mijn zoon — liet ik mijn oude lichaam de autodeur binnen glipen. Ik viel half over de achterbank heen, terwijl Elena de auto met een doffe klap in de achteruit zette, op het gaspedaal trapte en met spinnende banden het fabrieksterrein af scheurde. Mijn hoofd sloeg tegen de hoofdsteun, maar mijn enige zorg was Bram.

"Bram! Bram, word wakker!" riep ik, terwijl ik mijn rimpelige handen op zijn klamme voorhoofd legde. Hij kreunde zacht. Zijn ogen waren halfgesloten en gezwollen, en op zijn slaap zat een lelijke, opgedroogde bloedvlek. Zijn handen waren op zijn rug gebonden met een plastic kabelbinder.

"Hij leeft, Ria, maar we hebben niet veel tijd," zei Elena, terwijl ze met gevaar voor eigen leven door de smalle straatjes van de Tilburgse buitenwijk manoeuvreerde. Haar ogen schoten voortdurend heen en weer naar de binnenspiegel. "Marcus heeft overal mannen. Als hij merkt dat ik hem heb verraden, vermoordt hij ons allemaal."

Ik keek naar de achterkant van Elena's hoofd. Mijn hart was vervuld van een mengeling van woede, verwarring en verraad. Marcus had zojuist beweerd dat Elena zijn dochter was. Dat zij twintig jaar lang een rol had gespeeld, een spion in ons gezin.

"Wie ben jij eigenlijk, Elena?" vroeg ik hard, terwijl ik met trillende vingers probeerde de kabelbinder om Brams polsen los te krijgen. "Ben jij de liefhebbende schoondochter die elke zondag taart bracht, of ben jij de dochter van een crimineel die mijn gezin dertig jaar lang heeft bespioneerd?"

Elena keek in de binnenspiegel. Ik zag tranen over haar wangen stromen, haar gebruikelijke perfecte make-up uitgelopen in zwarte vegen.

"Het is ingewikkelder dan je denkt, Ria," snikte ze. "Marcus is inderdaad mijn vader. Hij heeft me opgeroepen toen ik twintig was. Hij zei dat jouw familie ons gezin kapot had gemaakt, dat Julian door jouw toedoen in de gevangenis was beland en daar was gestorven. Hij stuurde me naar de universiteit waar Bram studeerde. Mijn opdracht was simpel: pappenheimers worden met Bram, uitvinden wat hij wist over de Zwitserse kluis, en de sleutel terugvinden."

"En je hebt het vijfentwintig jaar volgehouden?" vroeg ik vol afschuw. "Je hebt een kind met hem gekregen! Je hebt een heel leven opgebouwd op een leugen!"

"Ik werd verliefd op hem!" schreeuwde Elena uit, terwijl ze hard op het stuur sloeg. De auto zwenkte even over de weg. "In het begin was het een opdracht. Maar Bram... Bram was zo goed, zo eerlijk, zo anders dan de wrede mannen uit mijn familie. Ik begon van hem te houden! Ik probeerde mijn vader aan het lijntje te houden. Ik zei hem dertig jaar lang dat Bram van niets wist, dat de kluis onvindbaar was. Maar toen Bram een paar maanden geleden zelf onderzoek begon te doen naar zijn afkomst... stortte mijn kaartenhuis in."

Bram kreunde weer en opende langzaam zijn ogen. "Mam...?" fluisterde hij. Zijn stem was nauwelijks hoorbaar.

"Ik ben hier, jongen. Ik ben bij je," zei ik zacht, terwijl ik over zijn haar streek.

"Je... je mag haar niet geloven..." stotterde Bram, terwijl hij naar Elena op de bestuurdersstoel wees. "Ze heeft... ze heeft het notitieboekje aan Marcus gegeven... ze heeft me erin geluisd..."

Elena schudde hevig haar hoofd. "Dat was voordat ik wist dat Marcus je zou vermoorden, Bram! Hij beloofde me dat hij je alleen zou ondervragen! Toen hij je vanmiddag begon te slaan... toen hij zei dat hij Ria ging vermoorden in de fabriek... kon ik niet meer toekijken. Ik heb het geluidssysteem van de fabriek gehackt met het sirene-geluid om Marcus af te leiden, en ik heb je uit het busje gesleept toen zijn mannen niet opletten!"

Ik keek naar de achterbank. Bram lag daar, zwak en verwond. Elena reed als een waanzinnige door het Nederlandse polderlandschap buiten Tilburg. Ik wíót niet wie ik kon vertrouwen. Was Elena's reddingsactie een oprecht teken van berouw, of was het een nieuwe tactiek om de koperen sleutel uit mijn tas te krijgen?

"Waar rijden we naartoe?" vroeg ik streng.

"Naar een schuiladres in de buurt van Baarle-Nassau," antwoordde Elena. "Een oud huisje van mijn grootmoeder. Niemand van de familie Vance kent die plek. We kunnen daar Brams wonden verzorgen en bedenken wat we gaan doen."

Na een rit van twintig minuten over donkere, afgelegen landweggetjes sloeg Elena een smal zandpad in. Aan het einde van het pad stond een vervallen houten boerderijtje, verscholen achter een dichte haag van eikenbomen. Het was er pikdonker.

We hielpen Bram met veel moeite de auto uit en dragen hem naar binnen. Het huisje rook naar muf hout en oude kranten. Elena ontstak een olielamp en legde Bram op een oude bank in de woonkamer. Ze rende naar de keuken om een kom warm water en handdoeken te halen.

Terwijl Elena in de keuken was, boog ik me over Bram heen. Ik haalde een klein zakmesje uit mijn tas dat Jan me ooit had gegeven en sneed voorzichtig de plastic kabelbinder door.

"Bram," fluisterde ik. "Kijk me aan. Is het waar wat Marcus zei? Ben jij... ben jij niet mijn biologische zoon?"

Bram keek me aan met ogen vol diepe droefheid. Een traan rolde over zijn bebloede wang. "Ik heb de DNA-test drie maanden geleden laten doen, mam. Toen ik op zolder de oude papieren van pa vond... er klopte niets van. Ik ben de zoon van Julian Vance en een vrouw die stierf bij mijn geboorte. Jij... jij hebt me geadopteerd. Maar op een illegale manier. Pa heeft de papieren vervalst om te zorgen dat het netwerk van Julian mij niet kon opeisen als een trofee."

Mijn hart kromp ineen, maar tegelijkertijd voelde ik een golf van verlichting. Het maakte niet uit wat de biologie zei. Deze man, die hier voor mij lag, was de jongen die ik had getroost toen hij zijn knie schaafde, de jongen die ik had geholpen met zijn huiswerk, de man die mij altijd 'mam' had genoemd.

"Je bent mijn zoon," zei ik stevig. "Niets verandert dat. Geen DNA, geen verleden, geen familienaam."

Bram pakte mijn hand vast. Zijn greep was zwak, maar doordrenkt van liefde. "Mam... de sleutel. Heb je de sleutel uit de kluis?"

"Ja," fluisterde ik. Ik haalde het kleine koperen sleuteltje uit mijn tas. "Marcus wil hem hebben. Hij zegt dat het toegang geeft tot een Zwitserse bankrekening."

Bram schudde kort zijn hoofd. "Dat is wat Marcus dénkt dat het is. Julian heeft Marcus al die jaren voor de gek gehouden. Die sleutel is niet voor een bankrekening... het is de sleutel van een oude kluis in het stadhuis van Rotterdam, waar de originele bewijzen liggen opgeslagen van de moord op de wethouder in 1984. De moord waarvoor Marcus mijn vader de schuld heeft gegeven!"

Ik staarde hem aan. "Wat?"

Voordat Bram kon antwoorden, ging de deur van de woonkamer met een luide knal open. Elena stond in de deuropening. Maar ze had geen kom water en handdoeken vast.

In haar hand hield ze een klein, zwart pistool. Het was op mij gericht.

"Het spijt me, Ria," zei Elena met een ijskoude stem, waarin geen enkel spoor van de huilende vrouw in de auto meer te bekennen was. "Ik hield echt van Bram. Maar bloed is dikker dan water. En mijn vader heeft mijn dochter."

Mijn adem stokte. "Je dochter? Sophia? Onze kleindochter?"

"Marcus heeft Sophia vanmiddag van school gehaald," zei Elena met trillende lippen. "Als ik hem de sleutel niet voor middernacht breng... zie ik mijn kind nooit meer terug. Geef me die sleutel, Ria. Nu."