DEEL 8 — DE MAN DIE DOOR DANIEL WERD VERTROUWD
“Eleanor?”
Thomas stond in de deuropening.
Hij zag er ouder uit dan ik me herinnerde.
Grijze haren.
Diepe lijnen rond zijn ogen.
Maar zijn blik was hetzelfde.
Rustig.
Te rustig.
Megan ging onmiddellijk achter mij staan.
“Wat doe jij hier?” vroeg ik.
Thomas keek naar de metalen doos in mijn hand.
“Dat is dus gevonden.”
“Je wist ervan.”
Hij knikte.
“Daniel vertelde me waar hij hem had verborgen.”
Mijn hart sloeg hard.
“Waarom zei je nooit iets?”
“Omdat ik beloofd had te zwijgen.”
“Je hebt twaalf jaar gezwegen.”
“Ik weet het.”
“Mijn man is dood.”
“Ik weet het.”
“Mijn zoon werd beschuldigd.”
“Ik weet het.”
Mijn stem brak.
“En jij zweeg?”
Thomas keek naar de grond.
“Als ik had gesproken, was Connor waarschijnlijk ook gestorven.”
Megan keek hem aan.
“Je kende mijn vader.”
Thomas keek haar aan.
“Ja.”
“En je wist wat hij had gedaan?”
“Ik wist wat hij van plan was.”
“Dat is niet hetzelfde.”
“Nee.”
Hij kwam langzaam de kamer binnen.
Ik hield de doos stevig vast.
“Blijf daar.”
Thomas stopte.
“Eleanor, je moet naar me luisteren.”
“Waarom zou ik?”
“Omdat Daniel mij vertrouwde.”
Ik haalde de USB-stick tevoorschijn.
“Dan vertel je me waarom.”
Thomas keek naar de stick.
“Niet hier.”
“Waar dan?”
“Er zijn mensen die dit huis in de gaten houden.”
“Richard?”
“Richard is niet de enige.”
Die woorden maakten me stil.
“Wie dan?”
Thomas antwoordde niet.
Megan stapte naar voren.
“Je hebt hem geholpen.”
Thomas keek haar aan.
“Wie?”
“Mijn vader.”
“Ja.”
“Waarom?”
“Omdat hij me chanteerde.”
Ik fronste.
“Waarmee?”
Thomas slikte.
“Met informatie over mijn vrouw.”
De kamer werd stil.
“Wat had hij over haar?”
“Alles.”
Hij keek naar de vloer.
“Ze had jaren geleden geld van Richards bedrijf gestolen.”
Megan keek geschokt.
“Mijn vader heeft dat gebruikt?”
“Om mensen tegen elkaar op te zetten.”
Ik dacht aan Daniels opname.
Vertrouw Thomas.
Misschien had Daniel geweten dat Thomas gedwongen was.
Misschien was Thomas geen medeplichtige.
Misschien was hij een slachtoffer.
Maar ik vertrouwde niemand meer.
“Waar is Connor?” vroeg ik.
Thomas keek me recht aan.
“Dat weet ik niet.”
“Leugen.”
“Ik zweer het.”
“Richard bedreigde hem.”
“Dat weet ik.”
“Hoe weet je dat?”
Thomas haalde zijn telefoon tevoorschijn.
Hij liet een bericht zien.
ALS HIJ DE USB VINDT, NEEM JE HEM MEE.
Mijn bloed werd koud.
“Wie stuurde dat?”
“Een nummer zonder naam.”
“Wanneer?”
“Een uur geleden.”
Megan pakte haar telefoon.
“Mijn vader heeft mij ook bedreigd.”
Thomas keek haar aan.
“Dan is het begonnen.”
“Wat is begonnen?” vroeg ik.
Hij keek naar de metalen doos.
“De waarheid.”
Hij liep naar het bureau.
“Daniel ontdekte dat Richard niet alleen geld had verloren.”
Hij pakte een oud dossier.
“Hij had jarenlang geld weggesluisd.”
“Van wie?”
“Van klanten.”
Ik keek naar de documenten.
Bankrekeningen.
Bedrijfsnamen.
Bedragen.
Miljoenen.
“Waarom heeft Daniel mij nooit iets verteld?”
“Omdat hij wist dat jij gevaar zou lopen.”
“Maar waarom ben ik nu dan nog in gevaar?”
Thomas keek me aan.
“Omdat jij iets bezit wat Richard nodig heeft.”
“Wat?”
“Niet de documenten.”
“Wat dan?”
“Het originele bewijs.”
Ik voelde een rilling.
“Waar?”
Thomas wees naar de USB-stick.
“Daar staat het antwoord niet op.”
“Wat staat er dan op?”
“Een video.”
Megan kwam dichterbij.
“Van die avond?”
Thomas knikte.
“Daniel wist dat hij misschien zou sterven.”
Ik voelde tranen in mijn ogen.
“Hij heeft zichzelf gefilmd?”
“Nee.”
“Wie dan?”
Thomas keek naar Megan.
“Connor.”
Megan hield haar adem in.
“Mijn broer?”
“Hij was daar.”
“Maar hij zei dat hij niets had gezien.”
“Dat was omdat hij bang was.”
Ik keek naar de USB.
“Laat me de video zien.”
Thomas schudde zijn hoofd.
“Niet hier.”
“Waarom niet?”
“Omdat de computer waarop hij moet worden afgespeeld geen internetverbinding mag hebben.”
Ik keek hem ongelovig aan.
“Dat klinkt krankzinnig.”
“Na wat er twaalf jaar geleden gebeurde, geloof ik niet meer in toeval.”
We liepen naar de kelder.
Daar stond nog Daniels oude computer.
Thomas zette hem aan.
Het scherm flikkerde.
Ik stak de USB erin.
Er verscheen één bestand.
17-10-2014.mp4
Mijn hand zweefde boven de muis.
Ik klikte.
Het beeld was donker.
Een camera in Daniels kantoor.
Daniel zat achter zijn bureau.
Richard stond tegenover hem.
Ik hoorde hun stemmen.
“Je hebt geen keuze,” zei Richard.
Daniel antwoordde:
“Je hebt al genoeg gestolen.”
Richard sloeg met zijn vuist op het bureau.
Toen ging de deur open.
Connor kwam binnen.
Megan greep mijn hand.
Op het scherm keek Connor naar zijn vader.
“Pap…”
Daniel draaide zich om.
“Waarom ben je hier?”
Connor keek naar Richard.
“Ik kwam je waarschuwen.”
Richard verstijfde.
Toen gebeurde er iets wat ik nooit had verwacht.
De camerahoek veranderde.
Iemand anders kwam in beeld.
Een vrouw.
Ze droeg een donkere jas.
Ik kende haar.
Megan kende haar ook.
Ze fluisterde:
“Dat kan niet.”
Ik keek naar haar.
“Wie is dat?”
Megan werd lijkbleek.
“Mijn moeder.”






