DEEL 6
Een doodse stilte vulde de hal.
Niemand zei nog iets.
Alle ogen waren gericht op Daniel.
"Wat bedoel je... Franklin heeft haar?" vroeg Elijah met een trillende stem.
Daniel slikte moeizaam.
"Omdat dat meisje jouw dochter is."
Elijah deed automatisch een stap achteruit.
"Dat is onmogelijk."
"Ik heb nooit een kind gehad."
Daniel haalde diep adem.
"Dat is wat Franklin je al die jaren heeft laten geloven."
Hij keek mij aan.
"Herinner je je de nacht dat Elijah verdween?"
Ik knikte langzaam.
"Er was een jonge verpleegster."
"Ze bracht een pasgeboren baby weg."
"Franklin had opdracht gegeven het kind officieel dood te verklaren."
Mijn hart sloeg een slag over.
"Nee..."
Daniel knikte.
"Het meisje leefde."
"Ze werd onder een andere identiteit grootgebracht."
Aisha keek verbijsterd.
"Waarom zou Franklin haar vijftien jaar lang in leven houden?"
Daniel antwoordde zonder aarzelen.
"Omdat zij de enige echte erfgenaam is."
"Zonder haar krijgt hij nooit toegang tot het laatste familiefonds."
De inspecteur fronste.
"Welk fonds?"
Daniel wees naar de foto.
"De familie Carter heeft tientallen jaren geleden een internationaal noodfonds opgericht."
"Bijna drie miljard euro."
"Het kan alleen worden vrijgegeven als alle erfgenamen officieel zijn vastgesteld."
Iedereen keek sprakeloos.
Drie miljard euro.
Plotseling begon Daniels telefoon opnieuw te trillen.
Geen nummer.
Alleen een zwart scherm.
Toen verscheen er vanzelf een videobeeld.
Een klein meisje zat vastgebonden op een stoel.
Ze huilde zacht.
Naast haar stond Franklin.
Hij glimlachte rustig naar de camera.
"Goedenavond, familie."
Elijah verstijfde.
Zijn handen begonnen te beven.
Franklin legde zijn hand op het hoofd van het meisje.
"Ze lijkt op haar vader."
Elijah schreeuwde.
"Blijf van haar af!"
Franklin glimlachte alleen maar breder.
"Nu geloof je me eindelijk."
Hij keek recht de camera in.
"Over precies twee uur vertrekt mijn schip uit de haven."
"Als iemand probeert mij tegen te houden..."
Hij hield een kleine afstandsbediening omhoog.
"...verdwijnt dit gebouw samen met het meisje."
De rechercheurs wisselden geschrokken blikken uit.
"Kunnen we zijn locatie traceren?" riep de inspecteur.
Een technisch specialist schudde direct zijn hoofd.
"Het signaal wordt voortdurend omgeleid."
Franklin lachte.
"Daniel weet waar ik ben."
"Nietwaar?"
Daniel kneep zijn vuisten samen.
Hij wist het.
Maar hij zei niets.
"Waarom zwijg je?" schreeuwde Elijah.
Daniel keek hem met pijn in zijn ogen aan.
"Omdat hij niet alleen is."
"De hele plek zit vol explosieven."
"Als we stormlopen..."
"...gaat zij als eerste dood."
Het videobeeld viel plotseling weg.
Nog dezelfde seconde ging het licht in het landhuis uit.
Volledige duisternis.
Een harde explosie klonk vanuit de kelder.
Het alarmsysteem begon te loeien.
Rode noodverlichting flitste door de gangen.
Een agent rende naar boven.
"Inspecteur!"
"Er zijn indringers in het huis!"
"Ze proberen de envelop te stelen!"
Voordat iemand kon reageren, werd een rechercheur van achteren neergeslagen.
De envelop vloog door de lucht.
Een gemaskerde man greep hem.
Maar nog voordat hij kon ontsnappen, sprong Aisha boven op hem.
Er volgde een hevig gevecht.
Het masker scheurde open.
Iedereen verstijfde.
"Nee..."
De man was geen onbekende.
Het was de inspecteur zelf.
De leider van het onderzoek.
Hij glimlachte ijskoud.
"Franklin betaalt beter."
Nog voordat iemand hem kon grijpen, drukte hij op een verborgen knop in zijn horloge.
Een oorverdovende explosie deed de volledige westvleugel van het landhuis instorten.
Stof en puin vulden de lucht.
Terwijl iedereen in paniek dekking zocht, verdween de corrupte inspecteur spoorloos tussen de rook.
En diep onder het puin klonk plotseling het zachte gehuil van een kind... alsof er nóg iemand verborgen zat onder het landhuis.






