De Tempel van Dendur lag er mystiek bij in de immense glazen zaal van het museum. Het verlichte zandsteen van de eeuwenoude Egyptische monumenten spiegelde in het stille water van het omringende bassin. Buiten sloeg de nacht regen tegen de gigantische glazen wanden die uitkeken over Central Park.
Tessa’s hakken klakten gehaast over de stenen vloer. Ze keek angstig achterom en zag dat ik haar op de hielen zat. Er waren hier geen andere gasten; de zaal was tijdelijk afgezet voor het besloten deel van het veilinggala dat pas later die nacht zou beginnen.
"Blijf uit mijn buurt, Harper!" schreeuwde ze, terwijl haar stem galmde tegen de hoge wanden van de tempel. Ze trok een klein, zilveren pistoletje uit haar Cartier-tasje en richtte het met trillende handen op mijn borst. "Ik zweer het je, ik schiet!"
Ik stopte op vijf meter afstand. Mijn hart sloeg op hol, maar ik dwong mijn gezicht in een masker van absolute onverstoorbaarheid. Ik had gisternacht een gevecht op leven en dood overleefd; een paniekerige minnares met een zakwapen ging me nu niet meer tegenhouden.
"Schiet dan, Tessa," zei ik met een ijzig kalme stem, terwijl ik een stap vóórwaarts deed. "Schiet een ongewapende vrouw neer in de bekendste zaal van New York. Denk je dat Volkov je daarna laat leven? Denk je dat de maffia getuigen gebruikt die moorden plegen op benefietgala's?"
Haar hand trilde zo erg dat de loop van het wapen op en neer ging. "Je begrijpt het niet! Ze vermoorden me als ik het geld niet geef! Landon heeft me erin geluisd! Hij zei dat het jouw geld was, dat het een legitieme erfenis was!"
"Landon is een idioot, en jij was dom genoeg om zijn sprookjes te geloven," zei ik koud. "Geef me de wallet, Tessa. Het is over."
"Nee!" schreeuwde ze, en ze richtte het wapen opnieuw.
Pang!
Een doffe knal weerklonk door de ruimte. Maar het was niet Tessa die had geschoten.
Tessa slaakte een kreet, liet het zilveren pistool vallen en greep naar haar bovenarm, waar een dunne streep bloed door het groene zijde van haar jurk sijpelde.
Aan de andere kant van de tempelzaal stapte Victor Volkov uit de schaduw van een van de marmeren zuilen. In zijn hand hield hij een pistool met een lange geluidsdemper. Zijn twee bodyguards marcheerden strak achter hem aan.
"Genoeg drama voor één avond," zei Volkov in zwaar Russisch-Engels. Hij keek met diepe minachting naar Tessa, die gillend op de grond was gevallen. "Mevrouw Blake, u faalt in uw verplichtingen. En ik houd niet van amateurs die de politie naar mijn feesten trekken."
Hij richtte de geluidsdemper op Tessa’s hoofd.
"Wacht!" riep ik luid.
Volkov draaide zijn kille, grijze ogen naar mij. "Ah. Mevrouw Bell. De echte eigenares van het fortuin. Mijn excuses voor het ongemak. Landon Pierce beweerde dat u al uit de weg geruimd was."
"Landon ligt in de cel en zijn handlangers zijn dood," zei ik, terwijl ik mijn schouders rechtte. "En het geld waar u op wacht? Dat staat niet meer op die hardware-wallet."
Volkovs wenkbrauwen gingen omhoog. Hij maakte een klein gebaar naar zijn bodyguard. De man liep naar de huilende Tessa op de grond, rukte het Cartier-tasje uit haar handen en overhandigde het aan Volkov. Hij haalde de zwarte USB-sleutel tevoorschijn en sloot hem aan op een kleine tablet die zijn bodyguard vasthield.
Het scherm lichte op. Een rode waarschuwing verscheen in beeld: ACCOUNT LEEG. TEOVERGEDRAGEN NAAR REKENING: BELL TRUST HOLDINGS.
Volkovs gezicht veranderde van ijzig in duister als de nacht. Hij keek naar de tablet, en vervolgens naar mij. "Wanneer?"
"Vijf minuten geleden," zei ik, terwijl ik naar mijn oor aanraakte. "Terwijl jij achter Tessa aan liep, heeft mijn vader het netwerk gehackt via de gekraakte telefoon van Julian Vance. Het geld is niet meer van het Syndicaat. Het is teruggestort naar de rekening van het kinderziekenhuis en de federale autoriteiten."
Volkovs ademhaling werd zwaar. Het geluid van loeiende sirenes begon buiten op 5th Avenue te klinken. De lichten van tientallen politieauto's reflecteerden door de gigantische glazen wanden van het museum.
"Jij hebt mijn geld gestolen, mevrouw Bell," fluisterde Volkov gevaarlijk, en hij richtte de geluidsdemper recht tussen mijn ogen. "Denk je dat de politie op tijd is om jou te redden?"
"Misschien niet," zei ik, en een dunne glimlach verscheen op mijn lippen. "Maar mijn vader is dat wel."
KRRR—BOEM!
Het gigantische glazen dak van de Egyptische zaal explodeerde in duizenden scherven. Twee zwarte touwen zakten razendsnel naar beneden uit een helikopter van de FBI die boven de zaal hing. Gewapende agenten in tactische uitrusting daalden neer als schaduwen uit de hemel.
"FBI! LAAT JE WAPENS ZIEN! GROND! GROND! GROND!" brulden de stemmen door de ruimte.
Volkov vloot een vloek, draaide zich om en probeerde te schieten op de neerdalende agenten. Maar vóór hij de trekker kon overhalen, ging er een schot af vanaf de balustrade op de tweede verdieping.
Het wapen van Volkov werd uit zijn hand geschoten. Hij schreeuwde het uit van de pijn en viel op zijn knieën.
Op de balustrade van de tweede verdieping stond mijn vader, leunend tegen de marmeren leuning, met een snipergeweer in zijn handen en een bloedend verband onder zijn colbert. Hij knikte kort naar mij.
Agenten stormden de zaal binnen, tacklede Volkov en zijn bodyguards naar de grond en sloegen hen in de boeien. Tessa werd schreeuwend en huilend over de vloer gesleept, terwijl haar groene jurk bedekt was met glas en bloed.
Agent Miller stormde de zaal binnen, keek naar de verwoesting, keek naar Volkov, en liep vervolgens naar mij toe. Hij deed zijn tactische vest los en slaakte een diepe zucht.
"Mevrouw Bell," zei Miller, terwijl hij zijn pet afnam. "Het lijkt erop dat we u en uw vader een wel heel groot excuus verschuldigd zijn."
Ik keek naar de boeien die om de polsen van Volkov en Tessa werden geslagen. "Het is vergeven, Agent Miller. Zorg er gewoon voor dat Landon Pierce de rest van zijn leven de zon niet meer ziet."






