DEEL 13 — De waarheid die ik zelf had begraven
Grace stond voor mijn bed.
Ze wachtte.
Ik keek naar de brief in haar hand.
“Wie heeft dit gestuurd?”
“Dat weet ik niet.”
Ik stond langzaam op.
“Grace, er zijn dingen die ik je nooit heb verteld.”
“Dat begrijp ik.”
Ze slikte.
“Maar ik wil geen nieuwe leugens.”
“Je krijgt geen leugens.”
Ik liep naar het raam.
Buiten lag de ranch in duisternis.
“Ik was die avond niet thuis.”
Grace zei niets.
“Ik had ruzie met je moeder.”
“Waarom?”
“Omdat ik wilde dat ze de ranch verkocht.”
Ze keek mij verbaasd aan.
“Waarom?”
“Omdat ik wist dat ze bedreigd werd.”
Ik draaide mij om.
“Maar ik wist niet waarom.”
Ik vertelde haar alles.
Diane had enkele dagen voor haar dood ontdekt dat mensen onze grond wilden kopen.
Ik had gedacht dat het gewoon een zakelijke strijd was.
Ik wilde haar en jou beschermen.
Daarom had ik geprobeerd haar over te halen te vertrekken.
Ze weigerde.
Die avond reed ik naar een motel in Cheyenne.
Ik wilde een nacht alleen zijn.
De volgende ochtend belde de politie.
Diane was dood.
Grace begon te huilen.
“Waarom heb je dit nooit verteld?”
“Omdat ik bang was dat jij zou denken dat ik haar had verlaten.”
“Maar je hebt haar wel verlaten.”
Die woorden deden pijn.
Ze had gelijk.
“Ja.”
Ik keek naar beneden.
“Dat is mijn grootste schuld.”
Grace kwam dichterbij.
“Maar heb jij mama vermoord?”
“Nee.”
“Heb je iemand gevraagd haar bang te maken?”
“Nee.”
“Heb je iets met Alexander te maken?”
“Nee.”
Ze knikte langzaam.
“Dan geloof ik je.”
Ik keek haar aan.
“Waarom?”
“Omdat je altijd bent teruggekomen.”
Mijn ogen werden vochtig.
Toen kwam Edward binnen.
Hij had ons gehoord.
“Er is nog iets.”
Ik keek hem aan.
“Wat?”
“Diane ontmoette iemand die avond.”
“Wie?”
“Een advocaat.”
Hij legde een oud dossier op tafel.
“Naam: Samuel Reed.”
Ik herkende hem.
“Hij is dood.”
Edward knikte.
“Officieel.”
“Wat betekent dat?”
“Dat hij misschien niet dood is.”
We reden de volgende ochtend naar een klein dorp buiten Casper.
Daar vonden we een oude woning.
Een vrouw deed open.
Toen ze ons zag, werd ze bleek.
“Jullie hadden nooit moeten komen.”
“Bent u familie van Samuel Reed?”
Ze knikte.
“Mijn man.”
“Hij leeft?”
Ze keek naar Edward.
“Niet meer.”
“Wanneer is hij gestorven?”
“Drie maanden geleden.”
“Hoe?”
“Een hartaanval.”
Maar haar ogen zeiden iets anders.
Ze liet ons binnen.
Op tafel lag een doos.
“Hij heeft dit voor jullie achtergelaten.”
Grace opende hem.
Er zat een USB-stick in.
We bekeken de bestanden.
Video's.
Documenten.
Opnames.
En uiteindelijk een video van Diane.
Ze zat voor de camera.
Mijn hart brak.
“Frank, als je dit ziet, heb ik waarschijnlijk mijn laatste kans om je alles te vertellen gemist.”
Ze keek recht in de camera.
“Je was niet verantwoordelijk voor mijn dood.”
Ik sloot mijn ogen.
“Maar ik heb je wel iets verborgen.”
Diane haalde adem.
“Grace is niet alleen jouw erfgenaam.”
Ze keek naar de camera.
“Ze is de enige persoon die Project Eden kan stoppen.”
Grace keek mij aan.
Diane vervolgde:
“Toen ik ontdekte dat Alexander de waterrechten wilde gebruiken om complete gemeenschappen afhankelijk te maken van zijn bedrijf, wist ik dat ik hem moest stoppen.”
“Maar ik ontdekte iets ergers.”
Ze zweeg.
“Alexander werkte niet alleen.”
Op het scherm verscheen een lijst.
Bovenaan stond één naam.
Richard Cole.
Grace keek mij aan.
“Maar Richard heeft ons geholpen.”
Diane ging verder:
“Richard was ooit mijn vriend.”
Mijn hart zakte.
“Maar hij heeft mij verraden.”
De video stopte.
Niemand bewoog.
Ik keek naar Edward.
“Je wist dit?”
“Nee.”
“Dus Richard heeft ons weer voorgelogen.”
Grace pakte haar telefoon.
“Papa…”
“Wat?”
“Richard belt.”
Ik nam op.
Zijn stem klonk gespannen.
“Frank, luister naar me.”
“Waar ben je?”
“Niet op de ranch.”
“Wat heb je gedaan?”
“Ik heb jullie proberen te beschermen.”
“Door voor Alexander te werken?”
Een lange stilte.
Toen zei Richard:
“Ik had geen keuze.”
“Waar ben je?”
“Bij het oude station.”
“Waarom?”
“Daar ligt het originele bewijs.”
“Welk bewijs?”
Richard fluisterde:
“De opname van de avond waarop Diane stierf.”
Toen klonk er een harde knal.
“Richard?”
Geen antwoord.
“Richard!”
De verbinding werd verbroken.
Grace keek mij aan.
We renden naar de auto.
Want nu hadden we eindelijk een kans om de waarheid over Diane's dood te ontdekken.
Maar toen we bij het oude station aankwamen, vonden we alleen Richard's auto.
De deur stond open.
Op de bestuurdersstoel lag bloed.
En op het dashboard lag een briefje.
“Te laat.”
Daaronder stond:
“Als jullie de waarheid willen, zoek dan onder de oude kapel.”
Ik keek naar Grace.
De oude kapel stond al meer dan honderd jaar op onze ranch.
En plotseling begreep ik het.
De hele waarheid had al die tijd onder onze eigen grond gelegen.






